Het is toetsweek bij ons op school en voor leerjaar 3 betekent dit: mondelingen voor Frans!

We hebben van tevoren goed nagedacht hoe we de leerlingen zo spontaan mogelijk konden laten spreken, omdat dialogen uit je hoofd leren niet super boeiend (en realistisch) is. Enne… stiekem wilde ik natuurlijk blogmateriaal ;).

Een deel van het mondeling bestond uit het beschrijven van verschillende plaatjes.

“Bonjour, assiez-vous! (In het Frans): Voor jullie staat een grabbeldoos. Grabbel een plaatje (een dier, object, persoon, plaats of voedsel) en beschrijf dit. Ik ga dan raden wat het plaatje is. Bonne chance!”

De leerlingen waren ontzettend creatief en over het algemeen goed in staat om zich te redden met een beschrijving! Ik deel een selectie beschrijvingen (van meerdere leerlingen) die me zijn bijgebleven!

“Noir Piet et…………?” (Sinterklaas).

“L’animal dit: “woefwoef!” (Hond, zijn klasgenootjes ging helemaal stuk hier, hahaha.)

“C’est blanc, une maison avec un plus sur le.” (Ziekenhuis)

“Catch a grenaaaaaade for you. Oh, ehhh oui. Donc c’est un chanteur…” (Bruno Mars, inclusief scherpe imitatie!)

*Wrijft en blaast in handen* “C’est très très froid et blanc. Pour le fromage.”(Koelkast)

“Sa …..*gebaart wild naar tong* est très longue et il n’a pas de….. *wappert wild met handen.* (Slang)

“Wow, mijn mondeling ging echt goed! Ik heb gesprek 3 en 4 gegrabbeld.” De leerling praat na over het mondeling dat ik zojuist met haar heb gedaan. Ze was als eerste aan de beurt en vertelt nu op de (nogal gehorige) gang aan haar medeleerlingen hoe het gegaan is.

“Gegrabbeld? Hoe bedoel je? – Nou, ze had een grabbelton, waaruit je dus twee briefjes moet trekken met daarop het nummer van het gesprek dat je moet doen. Ik hoopte echt zo dat ik 4 niet had, maar die had ik dus juist! Het ging uiteindelijk best goed hoor.” Andere leerling: “oh shit, ik dacht dat je zelf je gesprekken moest kiezen! Ik hoopte dat ik gewoon kon zeggen dat ik 1 en 2 wilde. Ik kan 3 helemaal niet zo goed.” Eerste leerling: “Nee, dat kan dus niet. Wow, ik was echt zo zenuwachtig hè, maar het ging echt goed! Behalve de laatste zin, die ging slecht…” Andere leerling: “bij jou of bij haar?” Eerste leerling: “Bij mij natuurlijk! Ik zei s’il vous plaît in plaats van au revoir.”

Je vous aime, mes élèves 🙂 

Bekijk bericht

Bij het voorbereiden op de colleges ben ik dus blij wanneer de literatuurlijst 2 van de 10 blaadjes beslaat: scheelt weer leeswerk! Ondertussen realiseer ik me natuurlijk heus wel dat ik na elk verplicht artikel steeds weer een stapje dichterbij het docentschap kom.

Wanneer ik naar mijn zojuist gelezen artikel (over modeling en andere docentenhandelingen) staar, zie ik lachend dat ik er qua mentaliteit eigenlijk al wel ben.

Ik heb onbewust een letter tussen ‘mo’ en ‘deling’ gepriegeld.

(2011) Ik sta op de gang in spanning te wachten tot het mijn beurt is. Ik zit in VWO6 en ik heb zo mijn mondeling Frans. Ondanks dat Frans mijn favoriete vak op school is, ben ik nou niet per se dé uitblinker van de klas. Ik ben niet slecht hoor, maar zo’n mondeling is echt nog wel lastig. Sinds kort spookt het pas in mijn hoofd om misschien Frans te studeren, wat het allemaal wel een extra lading geeft. Gelukkig heb ik de leraren nog niks verteld.

Even later gaat het mondeling niet bijzónder goed. Ik ben net klaar met het presenteren van een artikel en nu is het tijd om de vragen van de docent te beantwoorden. De onvermijdelijke vraag “wat wil je later worden” komt al gauw en het zweet breekt me uit. Ik kan die aardige docenten nu toch niet verkopen dat ik ook docent Frans wil worden, nadat ze me net op een enorm vraagtekengezicht getrakteerd hebben? Ik speel op safe en zeg dat ik het onderwijs in wil.