1. Harry krijgt een brief van Ron over het WK Zwerkbal

Harry – PA HEEFT KAARTJES. Ierland tegen Bulgarije, op maandagavond. Ma gaat je Dreuzels schrijven om te vragen of je mag komen logeren. Misschien hebben ze de brief al gehad. Ik heb geen idee hoe snel Dreuzelpost gaat, maar ik dacht, laat ik toch maar een briefje sturen met Koe.

Harry staarde naar het woordje ‘Koe’ en toen naar het piepkleine uiltje dat nu rond de lamp aan het plafond zoefde. Hij had nog nooit een dier gezien dat minder op een koe leek.

We komen je gewoon halen, of die Dreuzels het nou goedvinden of niet! Als ze ja zeggen, stuur Koe dan meteen terug met je antwoord en dan komen we je zondagmiddag om vijf uur halen. Als ze nee zeggen, stuur Koe dan ook meteen terug en dan komen we je zondagmiddag om vijf uur ophalen.

 2. Twee collega’s van het Ministerie van Toverkunst spreken elkaar op het WK Zwerkbal

‘Schuif een pol gras bij, Barto,’ zei Ludo opgewekt en hij klopte op de grond. ‘Nee dank je, Ludo,’ zei Krenck en er klonk het nodige ongeduld door in zijn stem. ‘Ik was al een tijdje naar je op zoek. De Bulgaren staan erop dat we twaalf extra stoelen plaatsen in de Topbox.’ ‘O zaten ze daarover te zeuren?’ Zei Bazuyn. ‘Ik dacht dat die kerel een neusharenknippertje wilde lenen. Hij had nogal een sterk accent.’ ‘Meneer Krenck!’ zei Percy Wemel ademloos en met een soort permanente halve buiging, waardoor het leek alsof hij een bochel had. ‘Wilt u soms een kopje thee?’ ‘O,’ zei meneer Krenck, die Percy verbaasd aankeek. ‘Ja – dank je, Wezel.

3. Harry is bij de familie Wemel en ze praten over Dwaaloog Dolleman

‘Hoorde ik iemand Dwaaloog zegen?’ vroeg Bill. ‘Wat heeft hij nu weer uitgespookt?’ ‘Hij beweert dat gisternacht iemand bij hem probeerde in te breken,’ zei mevrouw Wemel. ‘Dwaaloog Dolleman?’ zei George bedachtzaam terwijl hij marmelade op zijn brood smeerde. ‘Is dat niet die halvegare –‘ ‘Je vader heeft toevallig een heel hoge dunk van Dwaaloog Dolleman,’ zei mevrouw Wemel streng. ‘Ja oké, maar pa verzamelt stekkers.’

Bekijk bericht

In deze rubriek beschrijven we de stukjes uit boeken waar we hardop om moesten lachen!

1. Harry is zojuist opgepikt door de collectebus en bespreekt het laatste nieuws met Sjaak Stuurman, de maffe conducteur:

‘Heeft hij dertien mensen vermoord met één vloek?’ zei Harry, die de pagina teruggaf aan Sjaak. ‘Klopt,’ zei Sjaak. ‘En met getuigen d’rbij. Op klaarlichte dag. Daar was een hoop stennis over, wassetniet Goof?’ ‘Jep,’ zei Goof kort en bondig. Sjaak draaide zich om in zijn leunstoel en legde zijn handen op de rugleuning, zodat hij Harry beter kon aankijken. ‘Zwarts was een aanhanger van Jeweetwel,’ zei hij. ‘Wat, van Voldemort?’ zei Harry, zonder erbij na te denken. Zelfs Sjaaks puisten verbleekten, en Goof gaf zo’n ruk aan het stuur dat een hele boerderij opzij moest springen om niet tegen de bus te botsen. ‘Ben je niet goed gaar of zo?’ piepte Sjaak. ‘Waarvoor zeggie die naam nou?’

2. Harry en zijn vrienden hebben voor het eerst Waarzeggerij van professor Zwamdrift:

‘Dit jaar houden we ons met de basismethoden van de Waarzeggerij bezig. Het eerste semester is gewijd aan het ontraadselen van de theebladeren. Volgend semester gaan we dan verder met handlezen. O ja, liefje, voor ik het vergeet…’ zei ze opeens tegen Parvati Patil. ‘Hoed je voor een roodharige man!’ Parvati keek geschrokken naar Ron, die vlak achter haar zat en schoof haar stoel een eindje weg.

Bekijk bericht

Na een leuke bos- en heidewandeling, ploffen mijn vriend en ik ’s middags neer bij De Koffiepot in Midsland. Het is lekker warm buiten, dus we bestellen dorstlessende drankjes. Na de situatie bepaald te hebben (we zitten op een heerlijk loungebankje en er heerst een informeel sfeertje), doen we onze wandelschoenen uit en pakken we onze boeken erbij. Chill!

Het is een komen en gaan van mensen op het terras. Op een gegeven moment komen er drie jonge meiden aangelopen. Ik schat dat ze een jaar of 10 zijn. Ik kijk even om me heen of ik hun ouders ergens zie, maar ze zijn echt met zijn drieën. “Hoeveel geld heb jij nog? Ik heb nog vier euro. – Oh, ik heb nog 1. Kun jij anders mijn drinken voor mij betalen? Dan heb ik bij de tent nog wel een euro liggen!” Schattig bespreken ze hun financiële mogelijkheden en vervolgens gaan ze aan het tafeltje naast ons zitten.

Bekijk bericht

Samen met mijn vriend ben ik op vakantie op Terschelling. Op zondag stappen we op de fiets om een rondje eiland te fietsen. Na een tijdje door de bossen gereden te hebben, komen we bij een mooi meertje dat ook wel “de Doodemanskisten” wordt genoemd. De reden waarom het meer zo heet, is nog altijd niet helemaal duidelijk. Er gaan geruchten dat er oude zeelieden begraven zijn. Anderen zeggen dat er kisten van arme mensen begraven zijn. Het lijkt de eenden in ieder geval niet veel te boeien wie of wat er begraven ligt: ze zwemmen er vrolijk op los.

Nadat we om het meer gefietst hebben, ploffen we neer op een bankje in de zon. Het is hier heerlijk rustig en we pakken onze leesboeken erbij. Chill! We lezen zo’n tien minuten en ik zit helemaal in mijn verhaal. Op dat moment hoor ik in de verte echter twee vrouwen luid kwebbelend aankomen. Met luide stem kletsen ze honderduit over hun vriendinnen en ze ploffen op het bankje naast ons neer. “Zo, laten we ons maar even tussen dat stuur wurmen. Die staat hier ook lekker handig.” Ik kijk op van mijn boek om ze eventueel gedag te zeggen en te vragen of we de fiets moeten verplaatsen, maar ze zijn duidelijk helemaal in hun gesprek verwikkeld en ze schenken ons geen aandacht.

Bekijk bericht

 

In deze rubriek beschrijven we de stukjes uit boeken waar we hardop om moesten lachen!

1. Harry en Ron zijn op een illegale manier naar school gereisd en worden op het matje geroepen bij professor Anderling:

‘Laten we onze spullen maar gaan halen,’ zei Ron op hopeloze toon. ‘Waar heb je het over, Wemel?’ blafte professor Anderling. ‘Nou, we worden toch van school gestuurd?’ zei Ron. Harry keek snel even naar Perkamentus. ‘Vandaag nog niet, meneer Wemel,’ zei Perkamentus. ‘Maar ik wil wel benadrukken dat jullie een ernstig vergrijp hebben begaan. Ik schrijf vanavond nog een brief aan jullie familie en als jullie hierna nog iets uithalen, zal ik gedwongen zijn jullie inderdaad van school te sturen. Sneep keek alsof zijn verjaardag plotseling was afgelast.

Bekijk bericht