Je zou zeggen… Met die blog van ons kun je niet anders dan katten liefhebben en ze de hemel in prijzen. Toch? 😉

Mocht je nu ook echt een kat willen kopen: doen!! Klik deze blog eventueel weg als je beïnvloedbaar bent, hahaha.

Vanmorgen kwam ik op straat namelijk een exemplaar tegen dat ik dacht: goh, wie heeft jou dat geleerd? Vindt jouw baasje dit goed? Weten alle buren dit wel? Is er ooit een alert-smsje de deur uitgegaan?

Deze rode kater vermaakte zich namelijk stierlijk op straat. Hij paradeerde langs de auto’s, sterkte zich lekker uit en ging vervolgens flink zijn nagels vijlen aan een autoband. Hahahahahaha oké daar ga ik nooit meer parkeren.

“Ik ga even snel douchen hoor, ik ben zo weer terug.”

Het is vrijdagavond en ik ben gezellig met mijn vriend aan het puzzelen. Kaarsjes aan, sfeertje hoor. Terwijl mijn vriend de trap op naar boven loopt, zie ik onze kat Darcy op dat moment naar beneden komen. Vervolgens marcheert hij naar de tafel, waar ik druk bezig ben het hoofd van de vader van Pocahontas in elkaar te zetten. Vervolgens draai ik gauw mijn eigen hoofd richting Darcy, maar het is te laat. PLOF. Op de tafel. PLONS (een ballenbak geluid, ik kom niet dichter in de buurt dan plons, heb jij nog een suggestie?), in de doos. Jahoor. Met mijn vinger spreek ik hem streng toe: “Papa heeft NET alle stukjes omgedraaid en wat doe jij?” Hij miauwt en kijkt me met een schuin hoofd aan. O mijn god, consequent zijn. Consequent zijn. “Oké, op zich ging het best snel. Ga maar lekker liggen, lieverd.”

‘Huiverig’ wacht ik tot mijn vriend weer beneden komt. Boos zal hij uiteraard niet zijn, maar voor het verhaal zou dat natuurlijk wel leuk zijn 😉 Wanneer hij beneden komt, hoor ik alleen maar: “ahhh, schattig.” Zwakkeling. Maaaaaar ons voorgenomen huwelijk gaat dus gewoon vrolijk door 😉

Dit weekend ben ik met mijn familie gezellig op Texel, waar we in een vakantiehuis met grote tuin logeren. In de namiddag komen we aan in het huis en ik werp een blik op de tuin. “Hee, wat leuk: een kat!” Kattenliefhebber als ik ben, loop ik er op af om hem even te aaien. Direct valt het me op dat het niet zo goed gaat met het katje. Hij reageert niet op mijn aanrakingen en plotseling begint hij heel schel te janken.

Ik besluit om in de straat aan te bellen bij de buurhuizen: misschien weten zij wel van wie dit zielige beestje is. De buren weten helaas van niks en ook voorbijgangers zeggen hem niet te kennen.

Het katje is inmiddels een beetje de struiken in gekropen: voor katten is dat wel een teken dat hij op z’n eind is. Het is echt sneu om te zien, maar veel kunnen we er ook nu niet echt aan doen.

Op een gegeven moment krijg ik een ingeving om eens op Facebook te kijken: misschien heeft iemand hem wel als vermist opgegeven. Na even wat gescrold te hebben, kom ik inderdaad een foto van de rode kater tegen. Al een maand vermist. We checken het gezichtje van dit katje met de foto en we concluderen dat het inderdaad om dezelfde gaat.

Snel bel ik het nummer dat erbij staat en de eigenaresse neemt op. Helaas is ze vanavond op Den Helder en kan ze niet meer met een boot mee. Ze vraagt ons of we hem alsjeblieft naar de dierenarts willen brengen, daar kennen ze haar. Natuurlijk!

De dierenarts onderzoekt het katje en concludeert dat er niets meer aan te doen is. Na even telefonisch overlegd te hebben met het baasje, besluiten ze dat het het best is om het katje in te laten slapen. De eigenaresse is ons dankbaar dat we ons zo hebben ingezet. Ik kan alleen maar hopen dat iemand dat andersom ook voor mijn katten zou doen!

Hierbij dus een oproep aan iedereen: zie je iets geks met een kat of een ander dier? Kijk even op Facebook: wie weet is er iemand naar hem op zoek.

Liefs uit Texel!

Mijn vriend is een weekendje naar Sevilla met zijn neef, wat betekent dat de katten en ik het rijk alleen hebben. Ondanks dat het best irritant kan zijn (lees: katten op je benen, niet kunnen omdraaien, warm), vind ik het altijd heel gezellig om ze bij me te laten slapen.

De volgende ochtend word ik vroeg wakker, waarschijnlijk van een beweging van een van de katten. Ik richt me een beetje op om te zien waar ze zijn. James ligt bij mijn voeteneind, Darcy is nergens te bekennen. Zal wel naar beneden gelopen zijn. Omdat ik wil weten hoe laat het is, draai ik me om om mijn telefoon te pakken. Één seconde later klopt mijn hart in mijn keel. Darcy zit me op ongeveer 1 cm van mijn hoofd intens blij aan te kijken dat ik wakker ben.

Nu we alweer twee maanden in ons nieuwe huis wonen, wordt het de hoogste tijd om de katten wat meer vrij te laten. De afgelopen tijd hebben we met tuigjes geoefend in de tuin en we zijn inmiddels zover dat we ze loslaten in de tuin. Zelfs wanneer wij binnen zijn. (Lees: ik sta elke 3 minuten voor het raam te kijken of de zwart-witte monsters nog onderzoekend aan onze eigen planten snuffelen).

Na voor de vierde keer gekeken te hebben, slaat mijn hart een beetje over. “Eh schat, James heeft de schutting ontdekt,” piep ik een beetje ongerust. Samen kijken we naar ons kind. James strekt zijn nek uit en kijkt zijn ogen uit naar de nieuwe wereld die hij nu ziet. Ik voel me alweer wat rustiger worden. Het is een kat, dit moet gewoon kunnen. Zelfs al loopt hij naar de bu… oké. Ehm. Kalm blijven. “Eh, hij loopt nu over de schutting naar het schuurtje van de buren.”

Ik loop naar de gang om mijn schoenen en jas aan te trekken en stap vervolgens de tuin in. James miauwt naar me vanaf het schuurtje van de buren. Ok top, hij herkent me gelukkig wel. Ik lok hem terug en hij loopt weer over de schutting terug naar onze eigen tuin. Hee, dat gaat best soepel! Vervolgens lok ik hem naar de kliko en hij springt behendig weer van de schutting af. Top.

Een paar minuten later is James samen met Darcy in de tuin aan het struinen. Ik besluit om weer naar binnen te gaan. Mocht hij nu weer op de schutting klimmen, dan weet ik in ieder geval wel zeker dat hij weer terug kan komen. En anders zien we het ook wel weer.

Omdat ik nog niet zo ver ben dat ik lekker tv ga kijken wanneer de jongens buiten zijn, besluit ik eens van boven te gaan kijken. Ik ga bij het raam van mijn kantoor staan en kijk naar de tuin. En jahoor, James zit alweer op het schuurtje van de buren. “Hij zit er weer hoor!” roep ik naar beneden. Opnieuw loop ik de tuin in en ik doe de deur naar de steeg open. James is inmiddels verder doorgelopen en balanceert nu op de schutting van het tweede huis naast ons. “Kom maar,” roep ik lief. Maar James heeft andere plannen. “PLOF.” Hmm. James zit nu in de tuin. Al snel hoor ik hem miauwen. Mijn moederinstinct neemt het over en ik roep hem een paar keer: “kom maar lieverd!”

Inmiddels is mijn vriend ook buiten gekomen met wat brokjes. “Laten we wat brokjes op de kliko gooien, misschien snapt hij het concept dan.” Een paar keer springt hij op de kliko, eet hij wat brokjes en duikt hij vervolgens de tuin weer in. De slimmerd. De buurkat is inmiddels ook komen kijken naar de brokjesregen. James miauwt nog een paar keer, maar blijft laag in de tuin. Tijd voor wat sterker geschut.

Ik ga weer naar binnen en haal mijn troef uit de keukenla. Het moet er voor de omstanders best gek uitgezien hebben, zo’n vrouw met een rol aluminiumfolie in de steeg. James herkent het geluid echter direct en hij gaat op het geritsel af. Ik hou een stukje folie bij de kliko en leg deze vervolgens op de schutting. HOP! Daar zit hij alweer. Mijn vriend pakt James op en samen gaan we weer naar binnen. Genoeg avontuur voor vandaag. De buurkat kijkt ons vragend na.

Wordt ongetwijfeld vervolgd!

Bekijk bericht