Het is dinsdagochtend 08:00 en de wekker gaat. We zijn deze week op Texel en vandaag komen er twee vriendinnen langs die een nachtje blijven slapen! Om half 9 staat de eerste voor de deur en om 10 uur halen we nummer twee van de boot. Gezellig! We kletsen wat bij en besluiten om daarna naar het juttersmuseum te gaan. In die negen jaar dat we nu op Texel komen, zijn we hier nog nooit geweest. En dat terwijl het het grootste juttersmuseum van de wereld schijnt te zijn!

Na het museum (inderdaad best groot, een aanrader als je op Texel bent!) fietsen we door naar het centrum van De Koog, waar we bij een bakker lekker even wat lunchen.

’s Avonds gaat mijn vriend weer naar huis en met de meiden gaan we naar het strand. We hebben het over van alles en nog wat. Zo gaat het gesprek die avond ook over oogafwijkingen. Één van de vriendinnen vertelt dat ze een oogafwijking van -9 heeft, kenonne! “Als je mijn bril ’s ochtends verstopt, dan maak je mij dus echt niet blij! Wanneer ik hem niet op mijn nachtkastje kan vinden, ben ik gewoon echt blind.” Dorinde antwoord lachend dat ze dat wel eens wil meemaken.

Bekijk bericht

Na een boel gezelligheid ga ik rond 22:30 na een vriendinnenavondje in Amsterdam weer naar huis. Ik rij met Dorinde mee, die mij heel chill weer afzet bij het station waar mijn auto geparkeerd staat. Terwijl ik mijn tassen in mijn auto zet, rijdt Dorinde weer weg. Ze moet nog een klein stukje rijden naar haar huis, maar besluit om eerst nog even te gaan tanken.

Een minuut later start ik mijn auto en rijd ik dezelfde route richting mijn huis. Normaalgesproken zou ik bij de kruising rechtdoor gaan, maar ik besluit om rechtsaf te gaan om nog even langs de benzinepomp te rijden en Dor gedag te zeggen. Ik draai mijn raam omlaag en ga mans zitten met mijn elleboog in het raam. “Doei hè!” En ik scheur weg.

Mijn manse act valt drie seconden later helaas in het water. Er staat een grote sleepwagen midden in de straat, waardoor ik moet keren en dus weer terug langs de benzinepomp moet, hahaha.

Bekijk bericht

Het is zaterdagochtend 8:15 en mijn vriend is klaarwakker. Hij draait zich naar mij om (stel ik me dan zo voor hè, met een verliefde blik etc.) en ziet dat ik nog slaap. Zachtjes stapt hij uit bed, loopt naar de badkamer om zijn lenzen in te doen en gaat vervolgens naar de keuken om te ontbijten.

(8:20) Ik word wakker. KLING, KLETS, KLAK, BENG. Woest smeert mijn vriend zijn crackers met pindakaas. Bord uit de kast, kastje weer dicht, mes uit de lade, lade weer dicht, pindakaas op het aanrecht, etc.

Goeiemorgennnnnn.

Bekijk bericht

Het is vrijdagochtend en ik ben net op stal aangekomen. Het regent dat het giet, maar ik vind het niet zo erg: mijn weekend begint met een heerlijk ochtendje paardrijden. Op een blaadje staat altijd aangegeven op wie je gaat rijden die dag. Ik mag op Sproet, een favoriet!

Normaalgesproken staat Sproet achterin op de weilanden, maar ik krijg nu te horen: “hij staat lekker dichtbij, linksaf en dan in de eerste paddock!” Dat scheelt met de regen! “Hij staat daar samen met Trix in de wei.” Ik weet dat Trix een kleine pony met vlekken is, maar verder ben ik heel slecht met pony’s van elkaar onderscheiden. Sproet is een prachtig, groot wit paard (met sproeten), dus dat is niet te missen!

Ondertussen regent het nog altijd keihard en ik begin mijn route naar het weiland. Waar ik normaalgesproken rechtdoor zou lopen richting Sproet, sla ik nu linksaf en loop ik naar het weiland. In de verte zie ik een wit paard staan, samen met een zwart-wit gevlekte pony. Dat zal Trix wel zijn. Ik loop verder en even later ben ik bij Sproet. Ik doe het halster om en ik kijk even naar hem: ik voel dat er iets niet helemaal klopt, maar dat zet zich in mijn hoofd niet door. Dat het halster best groot om zijn hoofd valt en dat dit paardje een stuk kleiner is, registreer ik op de een of andere manier niet. (Het is nog ochtend, het regent keihard en ik kan soms echt een ontzettende drol zijn).

Met ‘Sproet’ loop ik weer terug naar de stal, een tochtje van zo’n vijf minuten in de stromende regen. “Deur vrij!” Drijfnat lopen we naar binnen. Zo’n vier verbaasde gezichten staren mij aan. “Laura, waarom heb je… hoezo heb je.. dat is Barcelona!” Ik schiet direct in een ongemakkelijke lach. “O echt? Ja. Shit. Zie je wel, ik wist dat deze dag een keer zou komen.” Awkward. Lekker dom. “Jongens, dit is dus de reden waarom ik een blog heb, hè! Dit soort dingen gebeuren mij helaas.” Gelukkig kan ik er zelf ook hard om lachen, maar gênant is het wel.

Even later loop ik naar de goeie Sproet en zie ik dat Trix inderdaad vlekken heeft. Bruine vlekken. Oepsie. Het halster van Sproet past als gegoten en ik snap ook echt niet hoe ik nou zo knullig kon zijn. Ik heb denk ik last van een milde vorm van het bekende “verkeerde interpretatie van instructie”-autisme.

Bekijk bericht