Ik zit met mijn vriend in de auto en we zijn op weg naar zijn ouders. Wanneer we er bijna zijn, beginnen de lampjes van het stoplicht te knipperen om aan te geven dat de brug open gaat. Een aantal auto’s voor ons kunnen er nog overheen, maar wij redden de slagbomen nét niet meer. “Hadden we toch beter die andere route kunnen nemen”. Er zijn meerdere routes naar zijn ouders en de route met de brug is zo’n kwartiertje sneller. Normaal gesproken dan ;-).

Na tien minuten worden we lichtelijk ongeduldig. Mijn vriend besluit een mini showtje op te voeren en zet de radio wat harder. Hij pakt met twee handen het stuur vast en maakt een schijnstuurbeweging. Althans, dat dacht hij. Terwijl de auto vóór zijn showtje nog uit stond, begint de motor direct te ronken nadat hij het stuur een beetje beweegt. We moeten allebei heel hard lachen, de timing was echt perfect. Volgende keer zetten we de motor toch maar helemaal uit in plaats van op Ecostand ;-).

Na drie weken in Nieuw-Zeeland te hebben gewerkt is mijn vriend weer gezellig thuis. Hij heeft ervan genoten en heeft mooie dingen gezien en gedaan. Zo kreeg ik bijvoorbeeld ineens een berichtje: “Laura, verrassing! Ik ga over 15 minuten parachutespringen!”

Wat onder andere hoort bij Nieuw-Zeeland is dat je links moet rijden. Ondanks dat dit snel went, horen daar toch de nodige errors bij. Lachend vertelt mijn vriend erover en ik kan me inderdaad voorstellen dat het soms lastig oversteken is, of dat je wel eens per ongeluk aan de verkeerde kant instapt.

Één error vind ik echter wel heel grappig, niet wetende dat deze error mij later deze middag zou laten schrikken…

(…)

“Even naar de supermarkt?” We lopen naar de kapstok en trekken onze jas aan. De auto staat voor de deur en mijn vriend stapt (aan de goede kant!) in. We rijden de straat uit en slaan linksaf. Het moment om de richtingaanwijzer aan te zetten. In plaats van subtiel linksaf te knipperen, zet mijn vriend KEIHARD de ruitenwissers aan.

Mijn vriend en ik zitten in de auto en rijden door een regenbui. In de verte springt een stoplicht op oranje en het lukt ons en onze voorganger nét niet om dit stoplicht nog te halen. Wanneer de auto voor ons stilstaat, gaat de deur aan de bestuurderskant open. “Huh, wat gaat hij nou d…” Mijn vriend kan zijn zin niet afmaken, omdat we op dat moment allebei zo hard moeten lachen. Blijkbaar is er iets mis met zijn ruitenwissers, want onze voorganger is ze met ontzettend woeste bewegingen handmatig aan het bedienen. Nog nooit heb ik mijn ruitenwissers meer gewaardeerd dan op dit moment.

Ik ben onderweg naar mijn werk en ik moet nog zo’n vijf minuten op de snelweg. Het is aardig druk op de weg, waardoor we ongeveer 90 kilometer per uur rijden. Om onverwachte situaties voor te zijn, houd ik de auto’s om mij heen goed in de gaten. Stiekem vind ik het ook altijd wel grappig om even bij mensen naar binnen te kijken. Hebben ze bijvoorbeeld zin in hun dag, of zitten ze een beetje chagrijnig voor zich uit te staren?

Een wit busje voegt achter mij in en ik kijk in mijn achteruitkijkspiegel hoe dicht hij achter me rijdt. Zie nu zo’n filmscène voor je waarbij je weer naar voren kijkt, maar dan binnen twee seconden je blik opnieuw in de achteruitkijkspiegel werpt. Huh, wat gebeurt daar nou? Bekijk bericht

Het is dinsdag en ik heb vandaag een korte dag op school. De vergadering van vanmiddag gaat niet door, wat betekent dat ik om 13:30 klaar ben. Fijn!

Die ochtend in de keuken besluit ik dan ook om niet al te veel eten mee te nemen. In plaats daarvan vind ik het lekker om thuis nog even uitgebreid te lunchen. Omdat ik toch wat mee wil nemen, beleg ik een pannenkoek (heeeerlijk, van die kant en klare koude pannenkoeken in de koelkast!) met stroop en rol ik hem op in een stuk aluminiumfolie.

Bekijk bericht