Quarantaineblogs, mondelingworstelingen en wortels in je oren – 10 mini-anekdotes

1 – Ik heb deo op het tapijt in mijn werkkamer gespoten om de muffe lucht te maskeren. Het ruikt nu een beetje naar de Droomvlucht. #Efteling #Eftelingfan (Laura)

2 – Zelfs de katten hebben een lockdown. #verstoptindekast (Dorinde)

3 – Van Thomas heb ik oranje earplugs te leen gekregen, super fijn! Ze liggen nu op de salontafel en Daan vindt ze op worteltjes lijken, hahaha. (Laura)

4 – Het is weer quarantainetijd wanneer je jezelf ‘s avonds de vraag stelt of je wel al naar buiten bent geweest vandaag. (Gelukkig wel!) (Laura)

5 – (Gefilmde) Franse mondelingen nakijken: het beschrijven van plaatjes, in dit geval personages. Leuk hoe ze creatief ‘ogen’ proberen te vertalen in het Frans: “euyes”, “oock”, “les… eh.. ógèn.” (Laura)

6 – Volgende keer ga ik stiekem eerst zelf de aflevering kijken zodat ik de tweede keer als we samen kijken ook eens alles weet. #slimstemens #vriendweetalles (Dorinde)

7 – Less is more! #éénpakjeonderdeboom #beetjekarignog (Dorinde)

8 – Mijn rekenmachine ligt naast mijn telefoon. (Als docent Frans gebeurt dat natuurlijk wat minder vaak dan Dorinde, die docent wiskunde is). Ik heb zojuist geprobeerd WhatsApp te openen op mijn rekenmachine. (Laura)

9 – Vanmorgen had ik bijna chilipoeder in m’n Brinta gegooid in plaats van kaneel. #nogevenwakkerworden #zalmetchilipoedergoedlukken (Dorinde)

10 – De kerstlampjes in de voortuin zien er niet al te best meer uit. Volhouden jongens! #nogeenpaardagentotkerst #slechtebatterijen (Dorinde)

Giechelen tijdens het nakijken

Bij mijn derde klassen heb ik de afgelopen week een mondeling afgenomen, waarbij de leerlingen met zoveel mogelijk details plaatjes in het Frans moesten beschrijven.

Om het mondeling wat meer coronaproof te laten verlopen, hebben de leerlingen elkaar dit jaar gefilmd. De filmpjes hebben ze daarna weer naar mij gestuurd. Voor mij heeft dit als voordeel dat ik alles rustig op mijn gemakje kan beoordelen. Een ander bijkomend voordeel is dat de leerlingen iets meer vrijuit spreken, wat af en toe voor hilarische momentjes zorgt, hahaha. (Hoera voor de blog!)

Ik ben nog niet klaar met nakijken, dus wie weet heb ik straks nog een vervolg te pakken ;).

Zie hier een paar scènes uit een paar filmpjes 😉

“Oke, hier ga ik. O jee. O Jezus, ik heb een kerstboom.” De filmende leerling sist: “Je moet Frans praten!! – Oja, sorry ik ben nerveus. Oké. C’est….. *flinke stilte* ….. gruun.” Giert het vervolgens uit van het lachen. “C’est….. *nog een langere stilte* ….. dans le Kerst.” Nerveuze giechel. “Ik doe eerst wel een ander plaatje.”

(…)

Een leerling heeft duidelijk moeite en wordt steeds roder van kleur. “Blijf ademen!” Hoor ik de filmende leerling fluisteren.

(…)

“Help, ik weet het echt niet. Ik moet even in mijn archief duiken.” Leerling doet vervolgens de ogen dicht en kijkt daarna behoorlijk zen. “C’est bleu.” Filmende leerling: “dat had je al gezegd!!” Paniek is back.

(…)

Een leerling is klaar en slaakt daarna een diepe zucht, gevolgd door een enorm scheldwoord om aan te geven hoe moeilijk dit was. “IK BEN NOG AAN HET FILMEN!! – O, eh sorry mevrouw!”

Benieuwd naar soortgelijke scènes? Zie hier de blog van vorig jaar!

Ongevraagde job


Op zondag heb ik met Thomas een wandeling gemaakt op de pier. Ondanks dat het vlakbij ons dorpje is, komen we daar eigenlijk nooit. Het valt me op dat er onwijs veel vissers op de pier staan. We zien dat een aantal scholletjes naar boven worden gehaald en dat de meeuwen dat erg interessant vinden.

Nadat we lekker zijn uitgewaaid, besluiten we om nog heel even naar de stad te gaan. We scoren wat dingetjes en lopen dan naar een kledingwinkel waar het uitgestorven is. Perfect.

Wanneer we binnen komen heb ik het idee dat ik in de kroeg sta: de muziek staat keihard en er blijkt een DJ te draaien. Voor eventjes is dat top, maar ik heb respect voor de winkelmedewerkers haha. Thomas pakt een paar truien om te passen en verdwijnt het pashokje in.

Terwijl ik sta te wachten zie ik dat er twee meiden naar binnenstappen. “Joehoe, hier zijn we!” Ze lopen naar een jongen die in de winkel werkt en doen ondertussen hun jas uit. Het lijken vrienden van elkaar, geen collega’s.

“Nee, de truien zijn het toch niet helemaal.” Thomas loopt het pashokje weer uit. “Kan ik ze aan jou geven?” Hij loopt naar één van de zojuist binnengekomen meiden. Ze pakt het aan en begint te lachen. “Oooh ja geef maar aan mij.” Thomas is ondertussen alweer doorgelopen, maar ik zie dat het meisje de stapel kleding lachend doorgeeft aan iemand die wél in de winkel werkt. Haha. Had ze maar haar jas aan moeten houden ;-).

Video (3): Begin december!

Hee, weer een video? Klopt! 😉

Het zou kunnen dat dit een fase is (haha), maar op dit moment halen we veel plezier uit het maken van korte video’s. Zeker in december is er natuurlijk genoeg materiaal te maken. Het leek ons daarom een goed plan om de maand in tweeën te splitsen, om niet met één overvolle video te komen.

Veel plezier!

“Wat is de natuur toch mooi”

Tegenwoordig probeer ik zo veel mogelijk op de fiets naar mijn werk te gaan. Ik merk dat ik best wel van patronen hou. Als ik vaak met de auto ga, is voor mij de drempel ook lager om de volgende dag gewoon weer de auto te nemen. Ga ik echter juist vaak fietsen, dan is de kans groot dat ik dat de dag erna weer doe. En volgens mij werken best veel mensen op deze manier ;-).

Zo ook vandaag. Er staat weinig wind, maar het is wel best fris! Ik probeer stevig door te trappen zodat ik het van het fietsen een beetje warm krijg. Onderweg moet ik één keer het spoor oversteken. Wanneer ik de spoorwegovergang nader, zie ik dat er daarna een grote wagen op het fietspad staat. Ik kan niet goed zien wat hij daar doet, maar dat zie ik vanzelf wel. Ik steek het spoor over en zie dan dat de wagen met een grote happer bezig is met vieze smurrie. De arm van de wagen komt druipend omhoog om zijn lading in de wagen te lozen. Uhl. Ik minder vaart, want ik moet wel gevaarlijk dicht erlangs fietsen. Ik wacht tot de lading in de wagen gegooid is en besluit dan om er snel langs te fietsen.

“UUUUUHL”. Blijkbaar was mijn timing niet zo goed als ik dacht. De arm is weer gaan bewegen en er is wat viezigheid over me heen gekomen. Op mijn wang, om precies te zijn. Aan de voorkant van de wagen staat een man die erbij hoort. “Hoe erg is het?!” vraag ik hem, wijzend naar mijn wang. “Haha! Ben je geraakt? Nah het valt mee hoor.” Ik veeg het spul van mijn wang. “Is het poep?!” vraag ik hem wat angstig. “Oh nee joh, het is gewoon modder uit de sloot.” Oh, gewóón modder. Gatver. Ik moet nog 10 minuutjes fietsen voordat ik op mijn werk ben. Ik heb nog nooit zo vaak over mijn wang geveegd, hahaha.