Geocachen: nieuwe hobby! Deze leuke Dino lag verstopt in een holle boom, super leuk toch?! In het filmrolletje zit het logboekje.

“Offroad” in de bossen, terwijl 20 meter verderop gewoon een pad liep. Geocachen met de meiden, we blijven in thema 😉

“Ik maak wel even een selfie.”

“Schat, ga jij even naar de parkeerautomaat?” Dagje Hilversum met Daan!

Trotse juf!

Eh ja. Ik had dit nog nooit gezien, jullie wel? Een opslag, gewoon in het zicht. Ik zou dan op z’n minst nog even de stenen omdraaien!

Mijn favoriete paard Pride poseerde even voor de camera!

Zo nu en dan is het leuk om voor de klas een nieuwe werkvorm uit te proberen. Met de brugklas zijn we bezig met negatieve getallen, breuken en kwadraten. “Luister goed. Ik zet zo een meerkeuze som op het bord. Als je denkt dat het goede antwoord A is, ga je staan. Als je denkt dat het B moet zijn, dan ga je zitten. Als je het antwoord goed hebt, mag je naar huis. Heb je hem fout, dan krijg je nog een meerkeuze vraag. Duidelijk?” De klas knikt. “Goed dan, ga allemaal staan. Ik ga straks aftellen van 3 naar 1 en daarna ga je allemaal zitten of staan.” Ik klap het bord naar voren, zodat mijn vraag tevoorschijn komt. De leerlingen nemen even de tijd om na te denken. “Drie, twee, één!” Roep ik. Een enkeling gaat zitten, maar schiet direct weer overeind als ze zien dat de rest van de klas is blijven staan. O ja, dat had ik kunnen voorzien. “Nou eh, fijn weekend allemaal, jullie hebben het allemaal goed.” Vrolijk lopen ze naar buiten.

Volgende keer kan ik ze beter een bordje omhoog laten houden 😉

Op Twitter kun je met weinig woorden een mini-anekdote kwijt. Vaak zijn deze berichtjes net te klein voor een volwaardige blogpost, maar samen vormen ze wel een leuk geheel! De afgelopen week Twitterden wij het volgende:

  1.  Ik weet nu alles over de moord op Hannie Schaft. #leerlingenopdegang #presentatieoefenen #tienkeeropnieuw #deurstaatopen (Dorinde)
  2.  Guys, het hele idee van naar buiten gaan is dat je lekker buiten gaat poepen. #katten #mooiniet #binnenpoepen #nogsteedsmeur #bestaatereenbuitenpoeptraining (Dorinde)
  3.  Ik ben blij dat ik een sudokuboekje heb meegenomen. #congresoverwiskunde #nietaltijdeveninteressant (Dorinde)
  4. Op visite bij schoonzus in Rotterdam. Zij moeten nog even naar de gamma, we besluiten even mee te gaan. “We zien jullie daar zo wel! Eh.. zijn er meer gamma’s in Rotterdam?” #snugger #uiteraardzijnerveelmeer #tochmaarachterzeaanrijden (Dorinde)
  5. Leuk, zo’n drinkfonteintje voor de katten, maar je moet wel constant naar de wc. #drupdrupdrupgeluiden (Dorinde)
  6. Vanmorgen hoorde ik op de radio dat men gemiddeld 47 paaseitjes eet rondom Pasen. Ik heb best een beetje schuldig gegrinnikt. #Zetermaareen1voor (Laura)
  7. Hahaha, tijdens het opstijgen liet hij zijn behoefte lekker gaan. #eend #flatsss #netnietopmijnauto (Laura)
  8. Wij proosten vanavond met kiwi’s en appels! #proost #saturdaynight #jenga (Laura)
  9. Wanneer je je bed afhaalt en laat luchten en het vervolgens vergeet … #twaalfuursnachts #mehh #bedopmaken (Laura)
  10. Zzz… Eigenlijk past deze kussensloop niet zo mooi bij dit dekbedovertrek… Nou en…. #nulekkerslapen (Laura)

Op zondag moeten we om 10:00 uitchecken, wat na ons late avondje van gisteren (tussen 02:00 en 03:00 gingen onze oogjes eindelijk eens dicht) best aan de vroege kant is! Om half 9 staan wij als organisatoren op om het laatste ontbijt klaar te zetten. De meiden ontwaken ook langzaamaan en we gebruiken de badkamer om en om.

Op een gegeven moment roept de mede-organisatrice: “hee, ik heb een appje! We mogen om 11:00 uitchecken!” Zooooo fijn. We bakken onze laatste broodjes, eten de overgebleven sokkencakejes en dan is het tijd om onze laatste activiteit aan te kondigen!

(een half uur eerder in bed): 

“Ehhhh, we hebben dus geen activiteit voor vandaag. Wat zullen we doen? Zullen we vragen of de meiden willen wandelen of winkelen? Een museum eventueel, of een high tea?” 

Dan komt ineens een gedachte bij mij naar boven: “we gaan Geocachen! Dat is een soort schatzoeken, bijvoorbeeld in het bos. Ideaal hier in deze omgeving!” We downloaden de app en zien tot onze vreugde dat er in de buurt genoeg ‘caches’ (schatten) verstopt zijn. 

“Nou meiden, we gaan na het ontbijt de spullen inpakken en daarna rijden we naar het bezoekerscentrum van Nunspeet waar we gaan Geocachen.” Een paar weten wat dit is, voor de anderen leggen we het uit: “we hebben een app gedownload, dat is een soort kaart van Google Maps. Op die kaart zie je allemaal groene icoontjes, dat zijn ‘caches’ die mensen hebben verstopt. Het is de bedoeling dat je zo’n ‘cache’ opspoort met behulp van je GPS. Op de plek van de cache moet je goed zoeken naar een klein kistje of bijvoorbeeld een kokertje. In het kistje zit een klein cadeautje dat je kunt pakken. Het is dan de bedoeling dat je zelf ook weer een klein cadeautje in het kistje stopt, zoals een dobbelsteen, een pen of bijvoorbeeld een sleutelhanger. In het kistje ligt ook een logboek, waarin je kunt aantekenen wanneer je er bent geweest.”

Na het ontbijt checken we uit en gaan we op weg naar het avontuur. Bij het bezoekerscentrum zoeken we de eerste cache, dat is zo’n tien minuutjes lopen. Omdat het onze eerste schat zal worden, hebben we nog een hulplijntje (een collega van een vriendin) achter de hand. “Op de site kun je een omschrijving vinden, waardoor je de schat makkelijker kunt vinden.”

We zijn op een terrein van een klein hotel aangekomen. Op het terrein staat een terras in het midden van veel bomen. Ook staat er een rode telefooncel op het terrein, dat is dus vrij opvallend. In de telefooncel vinden we een kistje dat op slot zit. “Zal dit het zijn? Hmm, misschien is dit gewoon van de beheerders, waarom zou het anders op slot zitten?” We stappen de telefooncel weer uit en zoeken verder in de omgeving. “Ik heb gelezen dat zo’n kistje ook wel eens in een holle boom kan zitten ofzo.” In de volgende scène zoeken en graven we. Na een tijdje hebben we nog steeds niks gevonden en besluiten we om ons hulplijntje in te zetten. “Iets roods, binnen en op hoogte. Nou, dat moet de telefooncel zijn!” We stappen nog een keer de telefooncel in en een vriendin vindt een soort kokertje dat ze kan openmaken. “Ja, hier is de sleutel!” We maken het kastje open en pakken onze cache. Het kistje zit vol kleine cadeautjes en ook zien we een doosje van een fotorolletje liggen waar het logboek in zit. We schrijven onze namen, de dag en het tijdstip op in het logboek en vinken op de website aan dat we onze eerste cache gevonden hebben. Leuk!! Op naar de volgende.

Uiteindelijk vinden we onze volgende cache in een vogelhuisje bij een camping (zo’n 2 km verderop) en onze laatste bij een parkeerplaats langs de snelweg. Drie caches gevonden, super leuk!

Na deze actieve en avontuurlijke boswandeling, besluiten we om ons weekendje af te sluiten met een lunch. We ploffen neer bij een brasserie en bestellen soep, tosti’s en salade.

Na de lunch proppen wij ons met z’n vijven weer in de auto, zwaaien we onze andere vriendin uit en rijden we weer richting Noord-Holland.

Het einde van een fantastisch meidenweekendje! Op naar de volgende, waar Dorinde onder andere de organisatrice zal zijn 😉 

“Ik ga vandaag weer eens op de fiets!” vertel ik Thomas enthousiast. “Het gaat straks regenen, dat weet je?”

Een uur later stap ik mijn auto in. Mijn regenpak zit vast nog ergens in een verhuisdoos, anders was ik uiteráárd op de fiets gegaan ;-). Wanneer ik onderweg bij het eerste stoplicht moet stoppen, slaat mijn auto af. Er begint een lampje te branden: ‘epc’. Mijn hart begint iets sneller te kloppen, meestal zijn die lampjes namelijk geen goed teken. Ik start mijn auto opnieuw en alles lijkt het weer te doen. Bij het tweede stoplicht gaat het opnieuw mis. Shit. Vanmiddag maar even naar de garage dan! Ook nu lijkt mijn auto het weer te doen na het herstarten. Er komt nu gelukkig een lang stuk aan zonder stoplichten, zodat ik even meters kan maken. Wellicht slaat hij daarna dan nog een keer af bij het stoplicht, maar dan herstart ik hem gewoon weer.

Wanneer ik 80 rijd, schakel ik naar versnelling 5. Hopelijk heeft de garage vanmiddag tijd. Na ongeveer 1,5 km slaat mijn auto opnieuw af. Terwijl ik 80 rijd. Nooooo! Een paar meter verder verschijnt een grote ‘inham’ en ik zet mijn auto er handig neer. Pfff, oké, wat nu? Dit is het moment om mijn auto uit te zetten, rustig uit te stappen en om de ANWB te bellen. In plaats daarvan denk ik: “naaah, misschien kan ik hem nog één keer starten.” Echt, why?!?! Ik rijd een klein stukje naar voren en… mijn auto valt -uiteraard- uit. Ik sta nu in de berm, een stúk minder veilig dan hoe ik net stond. Ook nu had ik uit kunnen stappen en dan was er nog steeds niet veel aan de hand geweest. In plaats daarvan start ik mijn auto opnieuw, rijd ik een stukje achteruit – want daar stond ik immers veiliger! – en dan valt mijn auto opnieuw uit. Door de zachte berm heeft mijn auto te weinig grip, waardoor de voorkant van mijn auto wegschuift. Ondanks mijn eerdere niet zo handige beslissingen, besluit ik nu godzijdank om direct de handrem aan te trekken. Had ik dat niet gedaan, dan was ik de sloot in gekukeld.

Met trillende handjes pak ik mijn autopapieren, doe ik mijn gordel los, controleer ik de handrem nogmaals en stap ik uit. Ik bel de wegenwacht om aan te geven dat ik hulp nodig heb. Heel rustig beschrijf ik het probleem en mijn locatie. Dit was misschien een goed moment om te zeggen dat mijn auto wel erg onhandig staat, maar op de één of andere manier vergeet ik dat te zeggen. 

Na ongeveer een half uur gewacht te hebben in de kou – en vele voorbijfietsende leerlingen én collega’s later, awkward! – komt dan eindelijk de wegenwacht. “Goh, die staat er niet best bij zo. Had hem gewoon hier neergezet, dan hadden we geen takelwagen hoeven te laten komen!” Ja inderdaad, had ik dat maar gedaan. HOEZO dacht ik na vijf keer afslaan nog steeds dat mijn auto het wel zou doen? Ik leg de beste man uit dat ik dat inderdaad beter had kunnen doen, maar dat ik het niet expres erger had gemaakt dan zou moeten. Dat begreep hij dan ook wel weer. Sympathiek.

Die middag zit ik bij de garage en kom ik een bekende van vroeger tegen. Ik vertel hem het hele verhaal. Ik vertelde hoe de takelwagen speciaal voor mij moest komen, die één weghelft nodig bleek te hebben. Hoe twee mannen van de ANWB al het verkeer moesten tegenhouden zodat de takelwagen mijn autootje kon bevrijden van de sloot. Hoe de leerlingen naar me gezwaaid en gewuifd hebben. En hoe er een enorme opstopping was ontstaan, allemaal door mijn strakke actie – en die van mijn auto, uiteraard. Hoe de ANWB na het wegtakelen helemaal niets kon ontdekken aan mijn auto en me adviseerde om die middag maar naar de garage te gaan. En hoe ik de engste rit uit mijn leven maakte, op weg naar de garage.

De terugweg naar de garage ging gelukkig goed en ze hebben daar twee dingen vervangen ‘die het waarschijnlijk wel zouden zijn’. Nog steeds niet helemaal gerustgesteld ben ik toen toch maar naar huis gereden.

De volgende dag ben ik mooi op de fiets gegaan ;-)! En de dag erna ook.

Inmiddels heb ik weer in mijn auto gereden en heb ik er wel weer wat meer vertrouwen in. Toch denk ik dat ik nu een stuk vaker de fiets zal pakken. Ook geen ramp, toch?