Prikkelige hobby

*Het gaat weer over borduren-alert*

Sinds ik ben gaan borduren, zijn er een aantal dingen gebeurd: mijn naald is een keer na een fanatieke steek afgebroken, ik ben mijn naald een keer kwijtgeraakt in de auto (noooooo) en heb tot twee keer toe een ontzettend scheve vlinder gemaakt, waar ik pas op het eind achter kwam en hem helemaal moest uithalen. Hoe heb ik dit niet gezien? Twee uur werk voor niks, hahaha.

Vanavond was toch wel het toppunt: de naald zat drie uur lang verstopt in mijn broekspijp. Huh?

Never dull photos #20

Verschil moet er zijn!
Lekker windje hoor ;-).
Onze kat Dirk ligt graag bij ons, ook nu heeft hij zich tussen ons in gepropt. Kan niet comfortabel liggen, haha.
In de zon was het filmpje op de telefoon niet goed te zien, dus dan maar even zo!
Het is niet heel duidelijk te zien, maar zijn twee achterpoten zweven in de lucht. Ik kan me niet voorstellen dat dit lekker ligt.
Dit huis heeft heel veel mazzel gehad met deze auto!
Laura is hier bezig om een (nét iets te groot) pakketje in de brievenbus te proppen. Het duurde ongeveer 20 seconden, haha!

Van die zoektermen op Google

Ik ben met de fiets op bezoek bij mijn vader en het is heel gezellig. Na ruim een uur klap ik mijn telefoonhoesje open en kom ik erachter dat mijn pinpas niet meer op zijn plek zit. Waar normaal mensen in paniek raken (Dorinde), hartkloppingen krijgen en heeeeel erg balen, blijf ik op de één of andere manier rustig.

Ik loop een stukje terug waar ik net ben geweest en speur de grond af. Geen oranje pasje te bekennen. Ik besluit om maar weer naar huis te fietsen. Onderweg kijk ik goed op de grond, maar verwacht ik hem niet te vinden: ik heb immers niet met mijn telefoon open gefietst.

Thuis ga ik na waar ik allemaal geweest ben. Grom, ook echt op zo’n dag dat ik het huishouden heb gedaan: ik ben overal wel geweest! Ik kijk in mijn bed, tussen de bank, in de keukenkastjes, in de badkamer, op de wc… niet te vinden. Inmiddels zijn de hartkloppingen langzaam aan het beginnen. Ik open Facebook om te kijken of iemand mij toevallig getagd heeft in een foto van mijn pinpas, maar dat is niet het geval.

Plotseling weet ik wat ik moet doen. Ik doe mijn slippers aan, open de achterdeur en pak de vuilniszak uit de kliko. Ik krijg een mega flashback naar het verloren emballagebonnetje van vorige week en kieper de vuilniszak om. Papiertjes, bonnetjes, verpakkingen en lege shampooflessen verspreiden zich over de tegels. Op dat moment komt er een windvlaag en rollen de wattenstaafjes dramatisch alle kanten op. En dan zie ik hem. Mans ligt het oranje pasje te relaxen naast een lege wc-rol. Poeh, het is maar goed dat ik aan deze vuilniszak heb gedacht!

Eenmaal binnen wil ik mijn pasje direct weer in mijn telefoon stoppen. Op het laatste moment bedenk ik me en ruik ik aan mijn pasje. (Doe dit gewoon maar niet na als hij een paar uur in een vuilniszak heeft gelegen). Ik open Internet en zoek op Google:

“Kan een pinpas tegen water?”

Het resultaat is dat hij nu heeeerlijk naar afwasmiddel ruikt. Mocht ik morgen toch niet kunnen pinnen, houd ik je op de hoogte, goed? 😉

Rije rije rije in een wagentje

“En dit is de logeerkamer.” Deze zin heb ik al best vaak genoemd tijdens een rondleiding door ons huis, maar daar was eigenlijk maar weinig van waar. Tot vandaag!

Ik ben in mijn eentje op weg naar de Ikea om een logeerbed te scoren. Ik heb de bus van mijn ouders opgehaald zodat het hele pakket in één keer mee naar huis kan. Ik besluit om twee keer af te rekenen en dus ook twee keer naar de auto te lopen met spullen. Lading één bevat de matrassen, kussens en matrashoesen. Lading twee is het bed zelf. De tweede lading was uiteraard een heel stuk zwaarder dan de eerste, maar met wat hulp van drie verschillende mensen (in de winkel, bij de draaideur en bij de parkeerplaats) is het me toch gelukt om alles in de auto te krijgen. Trots!

Wanneer ik de auto start, begint het best hard te regenen. Hij gaat al een tijdje mee, dus ik hoop altijd maar dat hij het gewoon blijft doen, haha. Zou toch sneu zijn als ik met mijn hele lading aan de kant van de weg in de regen zou moeten staan.

Het stoplicht is rood en ik druk op de rem. Wanneer het stoplicht op groen springt, begint mijn hart sneller te bonzen. Wat maakt de bus nou ineens voor herrie? Was  dat zware geluid net ook al zo? Op het moment dat ik toch een beetje ‘paniekeriger’ begin te worden, zie ik naast me een énorme uitslover staan met een hele zware motor. Aaaaaah ;-).

Een greep uit het leven van mijn joggingbroek

Het is zondagavond (bedtijd) en joggingbroek en spijkerbroek hangen samen aan de sierladder. “Psssssssssst, yo, Spijk!” Spijkerbroek hangt aan de onderste trede en trekt verstoort zijn pijp omhoog: “wat moet je? Ik was net lekker ingedut. Heb net drie uur lang gewerkt bij een etentje hè!” Joggingbroek reageert ongeduldig: “ja dat weet ik, maar ik ben zo excited. Morgen hoeft Laura niet weg en mag ik waarschijnlijk weer wat van de wereld zien! Die ladder verveelt behoorlijk snel.” Spijker grinnikt: “ik ben bang dat je pech hebt hoor, Laura moet morgen werken en dan gaat ze – met alle respect – niet in een joggin.. eh.. jou.. naar haar werk.”

Daar moest joggingbroek even over nadenken. Oja, bah, die maandag. Dat was hij even vergeten.

De volgende dag giert spijkerbroek het uit van het lachen. “Ben je nou blij? Lekker wat van de wereld zien hè!” Joggingbroek reageert mopperend: “ja, dit was nou ook niet helemaal de bedoeling. En jij maar droog meeliften hè! Wel leuk om echt eens buiten te zijn, normaal kom ik alleen in noodgevallen buiten, als ze even snel naar de kliko moet ofzo. Nu zijn we al tien minuten onderweg!!” Spijkerbroek grijnst: “ja, maar ondertussen ben ik droog en ben jij nat. Je bent zeker wel boos dat ze regenbroek niet heeft gepakt?” Joggingbroek: “boos? Nee joh! Ik vind het eerder sneu voor regenbroek. Die was vanmorgen toch aan het blèren van zolder, hoorde je dat?” Spijker klinkt medelevend: “ja! Ik ben hieeehieeeeeer en dat dan wel tien keer. Ik vond ook wel dat Laura best even naar zolder kon hoor. Ze keek nu alleen maar in de kast.” Joggingbroek: “ze wilde gewoon mij, ik snap dat wel hoor.”

‘s Middags loopt Laura af en toe langs haar tas en fluistert Spijkerbroek: “gaat ie nog daarbinnen, joh? Jij baalde zeker flink dat je snel droog was en die tas in moest… Heb je nog lucht?” Vervolgens citeert hij flauw: “ze wilde gewoon mij.” Joggingbroek mompelt: “ik hoop dat je een flinke vlek krijgt. Ik zie dat ze een perzik in de tas heeft… Je weet hoe het met je neef is afgelopen? Die ligt al minstens drie dagen in de wasmand. Just saying…”