(2000) Samen met mijn zus speel ik bij een vriendin. Het is woensdagmiddag en we zijn lekker vroeg uit van school. We hebben zin om een leuk spelletje te doen en we besluiten dat we willekeurig mensen gaan bellen. “En wat zeggen we dan?” Op serieuze toon spreken we af dat we onze tong gaan uitsteken en daar dan een geluidje bij maken. Onze vriendin typt wat willekeurige nummers in en wacht tot de telefoon overgaat. Na een paar seconden neemt een vriendelijke mevrouw de telefoon op en onze vriendin maakt het geluidje: “plffrlllll”. Daarna hangt ze op. We schateren het uit. Kinderlijk, onschuldig kattenkwaad. Ook mijn zus en ik bellen een paar keer en het spel verveelt ons niet. Sommige mensen reageren lachend, anderen vragen: “hallo, wie is dit?” Een prachtig spelletje. Na zo’n vijf nummers gebeld te hebben en ook daar weer opgehangen te hebben, gaat het echter mis.

Bekijk bericht

Ook vandaag is weer een werkdag. Ik sta achter een machine die maar op een rustige snelheid kan draaien. Het is dan ook heerlijk rustig werken, maar het komt er ook op neer dat ik me een beetje verveel. Op een gegeven moment komt een collega naar me toe. We kletsen wat over mijn Franse ervaring en hij vertelt me dat hij in september naar de rommelmarkt in Lille gaat. Leuk! Omdat de machine zo traag gaat, ben ik blij met de afleiding. Op het moment dat we praten, laat ik de machine verder draaien: ik kan het nog makkelijk bijhouden. Toch kijkt de collega me bezorgd aan: “Red je het wel? Het loopt aardig op zo hoor!” Ik antwoord dat ik het prima bijhoud en dat ik het juist fijn vind dat het een beetje doorloopt. Hij knikt, maakt zijn verhaal af en loopt weer weg. Hij draait me de rug doe en ik zie dat hij stiekem een vinger uitsteekt om mijn machine langzamer te zetten. Smiecht! Ik heb je wel door! Even heb ik zin om ook iets met een bepaalde vinger te doen, maar dat doe ik natuurlijk maar niet 😉 Licht beledigd maar geamuseerd zet ik de machine weer ‘sneller’.

Het is maandag en het is weer tijd om te werken. Het zonnetje schijnt door het verduisteringsgordijn en ik weet dat het weer een mooie dag gaat worden. Neuriënd begin ik mijn dag. Op de fiets luister ik naar zomerse muziek en onderweg glimlach ik naar alle mensen. Ik kom een vrouw tegen en ik weet al dat ze me gedag gaat zeggen, net zoals ze dat vorige week ook tijdens haar ochtendwandeling deed. Als ik op zo’n twee meter afstand ben, produceer ik een “hoi”. Op het moment dat ik het zeg, weet ik dat het geen verstaanbare begroeting geweest moet zijn. Met de muziek in mijn oren kan ik niet meer dan een smakje hebben gemaakt. Ah well. 

Op mijn werk is het gezellig: ik heb het er altijd naar mijn zin. Iedereen is in een goed humeur na het lange weekend en het goede weer.

Bekijk bericht

In het gezelschap van de katten kijken mijn vriend en ik een aflevering Game of Thrones. James slaapt rustig en Darcy wast zich: het is een knusse zondagavond. Plotseling rent Darcy hard weg richting de slaapkamer. Hij duwt de deur met zijn neus open en een streep licht komt de woonkamer binnen. Drie seconden later komt hij aangestormd met zijn knuffelbeertje in zijn mond. Hij wist precies waar ik hem vanmorgen had neergelegd en doelgericht legt hij hem nu voor mij neer. Vertederd kijk ik hem aan en ik vraag me af waarom hij ineens zo nodig het knuffeltje moest pakken. Dan valt het kwartje: moederdag!

(2009) Samen met mijn moeder, mijn zus en mijn vriend lig ik op een lekkere zomerdag in het zwembad. We genieten van het lekkere weer en de verkoeling van het water. Net als mijn zus draag ik een knot, zodat mijn haar niet nat wordt. Mijn vriend zwemt verderop een paar baantjes en op een gegeven moment komt hij op me af. Denkt hij. In plaats van mijn richting op te dobberen, zwemt hij doodleuk op mijn zus af: mij verbaasd, verontwaardigd, maar vooral grinnikend de rug toekerend.

Tja, dat is hem natuurlijk duur komen te staan. “Ik had mijn lenzen niet in!” protesteert hij dan altijd. Geen excuus: hij komt er niet mee weg. Het is het lot van het vriendje van een lid van een tweeling. Dé standaardvraag kan ik nu met smaak beantwoorden, waar hij op zijn beurt dan gelukkig weer om kan grinniken.