Op de fiets naar mijn werk vermaak ik me altijd door naar andere mensen te kijken. Zo’n 100 meter verderop zag ik dat er een keurige meneer had gewinkeld bij de bakkerij. De man was een jaar of 70, droeg een mooi, bruin pak en verplaatste zich met een stok. Loopt ie vervolgens naar buiten.. waait z’n baret van z’n hoofd! Die neem ik dus mooi niet meer serieus.

Om energie en vooral ook geld te besparen, zet ik mijn verwarming zo weinig mogelijk aan. Ik trek zoveel mogelijk warme kleding aan om het zo warm mogelijk te hebben. Soms echter, dan vind ik dat ik mezelf mag verwennen door het lekker behaaglijk te maken in mijn kamer. Zet ik eindelijk die verwarming aan… MEURT IE NAAR ROTTE EIEREN!

[2004] Eindelijk, na al die weken oefenen is het zover. Samen met mijn vriendin betreed ik het podium om daar het liedje Fame te gaan zingen. Het is nog best spannend, omdat we met een goede score misschien wel de brugklasfinale zouden kunnen winnen. Gelukkig hebben we goed geoefend, wat kan er misgaan? De muziek begint en ik pak vol zelfvertrouwen de microfoon. Het eerste couplet doen we samen, dat gaat prima. Komt vervolgens mijn solo.. vergeet ik mijn tekst! Vanaf dat moment kan ik de ‘fame’ dus ook wel vergeten.

Op zich heb ik een heerlijk toetsenbord, maar de letter P functioneert niet goed meer. Het lijkt wel alsof er een beetje eten onder vastkleeft. Na mijn toetsenbord flink door elkaar geschud te hebben, besluit ik met een tandenstoker onder de letter te gaan poeren. BLIJFT ER EEN STUKJE TANDENSTOKER ONDER DE LETTER HANGEN.

[PASEN] Daar zit je dan rond 18:00, in een doodstille concertcaal in Amsterdam. De dirigent houdt eerbiedig nog 2 minuten stilte, uit respect voor het orkest en het prachtige gezang over Jezus en zijn laatste dagen. Grappig hoe die stilte zo oorverdovend kan zijn. Helaas heb ik echt ontzéttende honger en zweet ik peentjes van het proberen om mijn maag niet te laten knorren. Sweet Jesus, laat ons alsjeblieft klappen en herrie maken!!