Elke dinsdagavond heb ik zangles samen met een leuk groepje. Het liedje dat we als laatste repeteren, blijft altijd mega lang hangen. Zo ook vanavond. “Zij maakt het verschil. Zijjjjjj. Zijjjjjjjjj maakt het verschil. Zijjj.” OPNIEUW. “Zij maakt het verschil. Zijjjjjjjj maakt het.. Zijjj maakt het verschil.” Om toch die puntjes (zeg maar gerust PUNTEN) op de i te krijgen, oefenden we steeds hetzelfde stukje. Ook na de les zongen we fanatiek door, meerstemmigheid moet nou eenmaal goed op elkaar afgestemd worden! Uiteindelijk hadden we hem door en lukte het ons heel goed om de klanken op elkaar aan te laten sluiten. Wat we helaas niet doorhadden was dat we al zingend naar buiten waren gelopen, terwijl er een stuk of twintig mensen op een terrasje vermakelijk onze kant op zaten te kijken.

Samen met een vriendin sta ik in de metro van Amsterdam. We zijn gezellig naar de film geweest en hebben een heerlijk avondje achter de rug. Na nog even gezellig gekletst te hebben, stopt de metro bij de halte waar mijn vriendin eruit gaat. “Kom je nog mee, of ga je naar huis?” Het is rond 21:00 en ik besluit dat ik lekker naar huis ga. We zeggen elkaar gedag en ik zoef weer verder met de metro.

Uit gewoonte pak ik mijn telefoon uit mijn tas om mijn vriend te appen hoe laat ik ongeveer thuis ben. Ik klap het hoesje open en start Whatsapp. “Nu onderweg! Ben denk ik rond 21:45 thuis.” Nadat ik het berichtje verstuurd heb, slaat mijn hart een beetje over. Hoezo heb ik dit niet eerder gezien?!

Heel casual stop ik mijn eeuwige reservetampon – die nu al 20 seconden tussen de achterkant van mijn telefoon en het hoesje geklemd zit – weer in mijn handtas.

(2004). “Dames en heren, luister goed. We gaan zo een voorstelrondje doen! Noem je naam en vertel kort wat over jezelf.” We zitten in de brugklas en zijn als mentorklas voor het eerst bij elkaar gekomen. Een aantal leerlingen ken ik nog van de basisschool, maar er zitten ook veel nieuwe gezichten bij. Dit soort voorstelrondjes zijn altijd spannend, je moet natuurlijk meteen een goede indruk maken. Ik zit in het midden vooraan, naast vriendin Lisa*. Het rondje begint aan de zijkant, dus ik heb nog even om een goed verhaal te verzinnen. “Ik hou van katten?” Nah, dat is een beetje saai om te vertellen. Langzaam maar zeker hebben steeds meer kinderen zich voorgesteld. Veel sneller dan ik dacht is Lisa aan de beurt. Geconcentreerd luister ik naar wat ze te vertellen heeft, misschien kan ik daar iets van overnemen. Slim! En dan ben ik aan de beurt. Nog steeds geen idee hebbend wat ik wil vertellen, begin ik: “nou, ik ben dus ehh Lisa. Oh nee. Ik ben Dorinde, haha. Oeps.” Ik kan je vertellen, dat was niet het meest gemakkelijke moment in mijn leven. Maar er is geloof ik nog nooit een moment geweest dat ik hier aan terugdacht zónder te lachen. HOE KAN JE IN GODSNAAM JE EIGEN NAAM VERGETEN?! Indruk had ik zeker gemaakt, haha!

 

* Wegens privacy is de naam Lisa in dit bericht verzonnen 😉

Bekijk bericht

Het is vrijdagochtend en ik ben net op stal aangekomen. Het regent dat het giet, maar ik vind het niet zo erg: mijn weekend begint met een heerlijk ochtendje paardrijden. Op een blaadje staat altijd aangegeven op wie je gaat rijden die dag. Ik mag op Sproet, een favoriet!

Normaalgesproken staat Sproet achterin op de weilanden, maar ik krijg nu te horen: “hij staat lekker dichtbij, linksaf en dan in de eerste paddock!” Dat scheelt met de regen! “Hij staat daar samen met Trix in de wei.” Ik weet dat Trix een kleine pony met vlekken is, maar verder ben ik heel slecht met pony’s van elkaar onderscheiden. Sproet is een prachtig, groot wit paard (met sproeten), dus dat is niet te missen!

Ondertussen regent het nog altijd keihard en ik begin mijn route naar het weiland. Waar ik normaalgesproken rechtdoor zou lopen richting Sproet, sla ik nu linksaf en loop ik naar het weiland. In de verte zie ik een wit paard staan, samen met een zwart-wit gevlekte pony. Dat zal Trix wel zijn. Ik loop verder en even later ben ik bij Sproet. Ik doe het halster om en ik kijk even naar hem: ik voel dat er iets niet helemaal klopt, maar dat zet zich in mijn hoofd niet door. Dat het halster best groot om zijn hoofd valt en dat dit paardje een stuk kleiner is, registreer ik op de een of andere manier niet. (Het is nog ochtend, het regent keihard en ik kan soms echt een ontzettende drol zijn).

Met ‘Sproet’ loop ik weer terug naar de stal, een tochtje van zo’n vijf minuten in de stromende regen. “Deur vrij!” Drijfnat lopen we naar binnen. Zo’n vier verbaasde gezichten staren mij aan. “Laura, waarom heb je… hoezo heb je.. dat is Barcelona!” Ik schiet direct in een ongemakkelijke lach. “O echt? Ja. Shit. Zie je wel, ik wist dat deze dag een keer zou komen.” Awkward. Lekker dom. “Jongens, dit is dus de reden waarom ik een blog heb, hè! Dit soort dingen gebeuren mij helaas.” Gelukkig kan ik er zelf ook hard om lachen, maar gênant is het wel.

Even later loop ik naar de goeie Sproet en zie ik dat Trix inderdaad vlekken heeft. Bruine vlekken. Oepsie. Het halster van Sproet past als gegoten en ik snap ook echt niet hoe ik nou zo knullig kon zijn. Ik heb denk ik last van een milde vorm van het bekende “verkeerde interpretatie van instructie”-autisme.

Bekijk bericht

Gisteravond at ik samen met mijn vriend bij mijn ouders. Ook mijn opa en oma aten gezellig mee. Het was een uitgebreid maaltje: brood met verschillende tapenades, moussaka (aubergine, gehakt, tomatensaus en kaas) en salade. We praatten wat over vakanties, vliegtuigervaringen en vogeltjes. (Je zou bijna denken dat we elke avond een thema-avond hebben, met daarin een letter als hoofdpersoon. Vanavond was dat kennelijk de letter V. Morgen praten we over worteltjestaart, goede wijnen en het weer. Stay tuned!). 

Bekijk bericht