Samen met mijn vriend woon ik in het centrum, in een rustige winkelstraat waar zich ook een aantal cafeetjes bevinden. Het leuke van deze locatie vind ik dat, aangezien we op twee hoog wonen, je lekker naar buiten kunt kijken zonder dat iemand het doorheeft. Ik heb al heel wat staaruurtjes erop zitten, haha.

Nietsvermoedend zit ik te werken aan de eettafel als ik ineens een berichtje binnenkrijg. “Kijk eens naar buiten, eerste verdieping!” Een beetje verbaasd sta ik op en ga ik voor het raam staan. Ik kijk recht in de ogen van een vriendin die vrolijk naar me zwaait. Hoe toevallig! Ik had inderdaad gezien (uiteraard) dat er een groepje mensen zat te werken in de bovenzaal van het restaurantje tegenover ons. Ik wist echter niet dat daar een bekende zat. En dat ik blijkbaar ook te zien ben vanaf daar, hahaaa.

En zo heb ik het uur erna iets minder productief doorgebracht, diep nadenkend of ik misschien in de afgelopen twee jaar nog beschamende dingen – dansjes doe ik regelmatig – vlakbij het raam heb gedaan.

Bekijk bericht

De planken van debet over de zolder zijn binnen, yes! We hebben inmiddels een groene in plaats van grijze kleur op de muur en met de nieuwe planken maken we onze mini-make over helemaal af. Gewapend met een stofzuiger, betonboor, pluggen, schroeven, potlood en waterpas gaan we aan de slag. Mijn vriend en zus houden de planken vast, ik teken het juiste gaatje af, vriendlief gaat boren en ik hou de stofzuiger erbij. Prima taakverdeling als je het mij vraagt!

De eerste plank hangt al vrij snel en nog recht ook. Vol goede moed gaan we door met de tweede plank. De plankdrager heeft twee gaatjes en we boren eerst het bovenste gat in de muur. Plankdrager erop, schroefje erin en voilà. “Schuif jij die plankdrager even opzij? Dan boor ik het tweede gaatje.” Tuurlijk, doen we. Ik moet een beetje jongleren, maar het lukt me om met mijn ene hand te drager opzij te duwen en om met mijn andere hand de stofzuiger vast te houden, zonder dat ik mijn vriend of het kastje eronder omver beuk. “Boren maar!” Een aantal seconden later kijk ik een beetje beteuterd naar mijn handen en de vloer. Handig zo’n stofzuiger. Vooral als hij aan staat.

Bekijk bericht

Het is vrijdagavond en ik ben samen met drie vrienden in een cafeetje in Amsterdam. We zijn niet de enigen met dit idee; alle kroegen zitten stampvol. We besluiten om het voorbeeld van anderen te volgen en blijven buiten om onze drankjes op te drinken. Na een aantal minuten is het tijd voor een nieuw biertje. Twee van ons gaan naar binnen om een refill te halen, zelf blijf ik buiten. Niet veel later komen ze weer terug met de biertjes. Ik steek mijn hand uit en doe een poging om het biertje aan te nemen. Zodra mijn hand op een paar centimeter afstand van ‘mijn’ biertje is, zie ik dat mijn vrienden er ineens toch wel anders uitzien dan een paar minuten geleden. “Ho, verkeerde!” De mannen lijken het niet zo door te hebben en ik draai me heel nonchalant om. Binnenkort misschien maar even langs de opticien :).

Bekijk bericht

Samen met mijn vriend zit ik in de bieb. Hij volgt sinds september ook weer een opleiding, dus we studeren nu regelmatig samen. Much better. We schuiven aan bij de studietafels en daar valt mijn blik op de huisregels die op de muur zijn geplakt. Terwijl ik mijn spullen uit mijn tas haal, lees ik de regels door. Niet roken in de bibliotheek. Eten mag, maar maak geen rommel. U kunt hier gratis internetten. Precies op het moment dat ik lees over het verzoek om stil te zijn bij de studieruimte, beuk ik keihard mijn thermosfles tegen de tafel. Perfecte timing.

Een uurtje later loop ik naar beneden naar het toilet. Op de terugweg word ik aangesproken door een mevrouw die staat te klunzen bij het betaalapparaat. “Mevrouw, mag ik u wat vragen? U werkt hier en ik begrijp dit apparaat niet. Kunt u even helpen?” Ondanks dat ik inderdaad geen jas aanheb en daarbij best aangezien kan worden voor medewerker, vind ik het toch niet echt een compliment. De bibliotheek heeft wat mij betreft toch een ietwat stoffig imago, haha. “Oh, ik werk hier niet hoor” – laten we dat even rechtzetten – “maar ik weet wel hoe het apparaat werkt.” De vrouw is me dankbaar en ik vervolg mijn weg naar boven. Ik krijg toch stiekem wel de neiging om een regel toe te voegen aan de huisregels. Medewerkers kunnen worden herkend aan hun naamkaartje. Toch doe ik het maar niet – bij vandalisme wordt immers de politie ingeschakeld.

Bekijk bericht

Het is donderdagavond en ik ben op zoek naar het toilet. Het lijkt hier wel een mega doolhof, ik loop gang in en weer gang uit. De plee, hoe moeilijk kan het zijn? Ik kijk nog eens goed rond en zie dan gelukkig het vrouwtje in eeuwige jurk op de deur geschilderd. Op haar kun je altijd rekenen.

De terugweg naar boven begint heel soepel. Ik moet een grote ruimte passeren waar wel duizenden mensen in passen. Er is niemand te bekennen, kan niet misgaan! Toch verschijnt er uit het niets opeens een meneer van links. We zijn ongeveer drie meter van elkaar verwijderd. Twee meter. Anderhalve meter. Vervolgens stoppen we allebei: we moeten elkaar namelijk kruisen. Op het moment dat ik weer in beweging kom, doet hij precies hetzelfde. We stoppen allebei weer. Dit proces herhaalt zich nog twee keer. Lichtelijk awkward.

Geef mij maar verkeersborden en stoplichten voor voetgangers in openbare ruimtes. En kleding met een knipperlicht erop! Kunnen we die meteen als kersttrui gebruiken :).

Bekijk bericht