Vriendelijke buren

Thomas is de voorkant van het huis aan het schilderen. We gaan van beige met groen naar wit met donkerblauw. Stukken beter! Het is heerlijk weer, dus ik besluit om gezellig in de voortuin te gaan zitten. Omdat we aan de voorkant geen stoelen of bankje hebben, loop ik naar de achtertuin om een stoel op te halen. Ik besluit om even om te lopen, omdat ik anders het risico loop om met de mooie nieuwe stoel tegen de natte verf aan te botsen.

Ons huis zit ongeveer halverwege in het rijtje, dus het is een ‘redelijke’ wandeling van de achterkant naar de voorkant. Terwijl ik met de stoel aan het sjouwen ben, komen twee mensen op me af. “Dag! En hoe bevalt het nou hier? En moeten jullie nog veel doen? Er is al veel gebeurd he?” Terwijl ik verder zeul met de stoel, beantwoord ik de vragen van dit vriendelijke stel. Ik leg uit dat er al heel wat gebeurd is, maar dat er nog genoeg kleine dingen gedaan moeten worden. “Ach lieve kind, dat komt vanzelf. Je zal vast wel gezien hebben hoe het bij ons is, maar wij wonen hier natuurlijk al 35 jaar. Nou, dag hoor! En succes! Ik zeg de vriendelijke mensen gedag, ook omdat we inmiddels bij de voorkant van ons huis zijn beland.

”Wie waren dat?” Vraagt Thomas belangstellend, ondertussen ijverig doorschilderend. “Géén idee! Maar ze spraken alsof ik uiteraard wist wie ze waren.”

En zo ben ik de afgelopen dagen iets vaker naar zolder gelopen om een buurtonderzoek te doen. En met succes! Het zijn de buren van de buren van onze achterburen. Weer een mysterie uit het leven geholpen  🙂

De webshop

De laatste tijd ben ik steeds meer fan van online winkelen. Ideaal, hoe je dan alle filters aan kunt zetten over de maat, kleur, materiaal etc. Als dat nou in een fysieke winkel kon… Er zitten echter ook nadelen aan het online winkelen! Sowieso is het voor de dorpen en steden veel beter als mensen naar de winkel blijven komen. Als de mensen wegblijven, zullen ze de winkels immers moeten sluiten. Dit is echter niet het nadeel wat ik nu bedoel.

(…)

Het is 17:45 als ik het winkelcentrum in het dorp verderop binnenwandel. We hebben een ‘Too Good To Go’ bestelling, waarbij je voedsel dat over is voor een kleine prijs kunt kopen. Op die manier voorkom je voedselverspilling, omdat het anders weggegooid zal worden. Wanneer ik richting de bakkerij loop, kom ik langs een kledingwinkel. In de etalage hangt een jurk. Ik kijk er even naar en merk dat ik een beetje ‘duizelig’ wordt van het drukke patroon erop. Zoiets trek je toch niet aan?

Op de terugweg naar mijn auto loop ik weer langs de winkel. Ik zie de jurk weer hangen en… ik besef dat ik deze jurk morgen in een pakketje mag ontvangen. Faal!

Stoplichthumor

Ik sta bij het stoplicht te wachten op de baan die rechtdoor gaat. Ik sta precies gesandwicht tussen twee auto’s, de één voor naar links en de ander voor naar rechts. Het is heerlijk weer, dus ik heb mijn ramen lekker open.

Rechts naast me springt het stoplicht op groen, maar er gebeurt verder niet veel. Pas wanneer het stoplicht op oranje springt, komt de voorste auto in actie. De auto erna moet helaas alweer wachten. Ik giechel om de reactie van de ‘gedupeerde’, die zichtbaar flink aan het balen is. Mijn reactie is echter niets vergeleken met de keiharde schaterlach die links naast me klinkt. Haha! Ik zie twee gepensioneerden vrolijk naar mijn rechterbuurman kijken, waarna ze vervolgens zelf rustig op een slakkengangetje door hun groene licht rijden.

Dat is weer eens wat anders dan al dat gescheld in het verkeer :-).

Ondertussen bij de tandarts

Eens in de zoveel tijd is het weer zo ver: de tandarts. Omdat je tijdens de behandeling niet veel kan doen, schieten er wel eens gedachten door je hoofd. Dit is waar ik me mee bezig hield!

– Oh jee, dit kriebelt aan mijn neus. Wat als ik zo moet niezen? Straks schiet ze nog uit!

– Wat als zij zélf moet niezen?!

– Er zit helemaal geen stof in de airco. Zouden ze dat elke dag schoonmaken?

– Zouden ze dan een ladder gebruiken? Of misschien staan ze dan wel op deze stoel. En hebben ze hondenpoep onder hun schoen.

– Iew, er druipt een klodder kwijl langzaam van mijn mondhoek naar mijn hals. Iew. Iew.

– Zouden tandartsen wel eens verliefd worden op hun patiënt? Dit kan geen mooi perspectief voor ze zijn. Andersom ook niet trouwens.

– Respect voor de tandartsen die constant in een gekke houding moeten staan! Geldt ook voor veel andere beroepen trouwens.

– Zouden mensen echt minder stress krijgen van zo’n poster met een schaterlachende tand erop?

– Volgende keer ga ik écht beter stoken 😉

Bij de pinken

Laura zit naast me en we hebben het over haar plannen om hun tuin aan te passen. Ze geeft aan dat ze het altijd lastig vindt om bepaalde maten in te schatten. “Hoeveel is 60 cm? Zo veel? Of zo veel?” Met haar handen geeft ze de mogelijkheden aan. Ik leg haar uit dat ik vaak de vuistregel gebruik dat je pink ongeveer 1 cm is. Direct begint Laura haar eigen pink te meten met haar vingers. “HUH?” Ze bekijkt de afstand van de bovenkant van haar pink tot de onderkant en concludeert dat dit toch echt geen 1 cm kan zijn. Ik begin heel hard te lachen. “De breedte van je pink, ui!”