De planken van debet over de zolder zijn binnen, yes! We hebben inmiddels een groene in plaats van grijze kleur op de muur en met de nieuwe planken maken we onze mini-make over helemaal af. Gewapend met een stofzuiger, betonboor, pluggen, schroeven, potlood en waterpas gaan we aan de slag. Mijn vriend en zus houden de planken vast, ik teken het juiste gaatje af, vriendlief gaat boren en ik hou de stofzuiger erbij. Prima taakverdeling als je het mij vraagt!

De eerste plank hangt al vrij snel en nog recht ook. Vol goede moed gaan we door met de tweede plank. De plankdrager heeft twee gaatjes en we boren eerst het bovenste gat in de muur. Plankdrager erop, schroefje erin en voilà. “Schuif jij die plankdrager even opzij? Dan boor ik het tweede gaatje.” Tuurlijk, doen we. Ik moet een beetje jongleren, maar het lukt me om met mijn ene hand te drager opzij te duwen en om met mijn andere hand de stofzuiger vast te houden, zonder dat ik mijn vriend of het kastje eronder omver beuk. “Boren maar!” Een aantal seconden later kijk ik een beetje beteuterd naar mijn handen en de vloer. Handig zo’n stofzuiger. Vooral als hij aan staat.

Bekijk bericht

Het is vrijdagavond en ik ben samen met drie vrienden in een cafeetje in Amsterdam. We zijn niet de enigen met dit idee; alle kroegen zitten stampvol. We besluiten om het voorbeeld van anderen te volgen en blijven buiten om onze drankjes op te drinken. Na een aantal minuten is het tijd voor een nieuw biertje. Twee van ons gaan naar binnen om een refill te halen, zelf blijf ik buiten. Niet veel later komen ze weer terug met de biertjes. Ik steek mijn hand uit en doe een poging om het biertje aan te nemen. Zodra mijn hand op een paar centimeter afstand van ‘mijn’ biertje is, zie ik dat mijn vrienden er ineens toch wel anders uitzien dan een paar minuten geleden. “Ho, verkeerde!” De mannen lijken het niet zo door te hebben en ik draai me heel nonchalant om. Binnenkort misschien maar even langs de opticien :).

Bekijk bericht

Samen met mijn vriend zit ik in de bieb. Hij volgt sinds september ook weer een opleiding, dus we studeren nu regelmatig samen. Much better. We schuiven aan bij de studietafels en daar valt mijn blik op de huisregels die op de muur zijn geplakt. Terwijl ik mijn spullen uit mijn tas haal, lees ik de regels door. Niet roken in de bibliotheek. Eten mag, maar maak geen rommel. U kunt hier gratis internetten. Precies op het moment dat ik lees over het verzoek om stil te zijn bij de studieruimte, beuk ik keihard mijn thermosfles tegen de tafel. Perfecte timing.

Een uurtje later loop ik naar beneden naar het toilet. Op de terugweg word ik aangesproken door een mevrouw die staat te klunzen bij het betaalapparaat. “Mevrouw, mag ik u wat vragen? U werkt hier en ik begrijp dit apparaat niet. Kunt u even helpen?” Ondanks dat ik inderdaad geen jas aanheb en daarbij best aangezien kan worden voor medewerker, vind ik het toch niet echt een compliment. De bibliotheek heeft wat mij betreft toch een ietwat stoffig imago, haha. “Oh, ik werk hier niet hoor” – laten we dat even rechtzetten – “maar ik weet wel hoe het apparaat werkt.” De vrouw is me dankbaar en ik vervolg mijn weg naar boven. Ik krijg toch stiekem wel de neiging om een regel toe te voegen aan de huisregels. Medewerkers kunnen worden herkend aan hun naamkaartje. Toch doe ik het maar niet – bij vandalisme wordt immers de politie ingeschakeld.

Bekijk bericht

Het is donderdagavond en ik ben op zoek naar het toilet. Het lijkt hier wel een mega doolhof, ik loop gang in en weer gang uit. De plee, hoe moeilijk kan het zijn? Ik kijk nog eens goed rond en zie dan gelukkig het vrouwtje in eeuwige jurk op de deur geschilderd. Op haar kun je altijd rekenen.

De terugweg naar boven begint heel soepel. Ik moet een grote ruimte passeren waar wel duizenden mensen in passen. Er is niemand te bekennen, kan niet misgaan! Toch verschijnt er uit het niets opeens een meneer van links. We zijn ongeveer drie meter van elkaar verwijderd. Twee meter. Anderhalve meter. Vervolgens stoppen we allebei: we moeten elkaar namelijk kruisen. Op het moment dat ik weer in beweging kom, doet hij precies hetzelfde. We stoppen allebei weer. Dit proces herhaalt zich nog twee keer. Lichtelijk awkward.

Geef mij maar verkeersborden en stoplichten voor voetgangers in openbare ruimtes. En kleding met een knipperlicht erop! Kunnen we die meteen als kersttrui gebruiken :).

Bekijk bericht

Een Belgisch lijkende stem verbreekt de stilte in de trein. “Beste reiziger, het volgende station is.” Er volgt een lange stilte. Geamuseerd kijk ik op van mijn boek. Na een minuutje gaat de intercom weer aan. Lachend doet de vrouw een tweede poging: “Beste reiziger, het volgende station is Zaandam.” België, nu weet ik het zeker. Mijn gedachten dwalen af. Zou ze pas net in Nederland zijn? Of is ze gewoon een dagje in het buurland aan het werk zijn? Het zou zomaar kunnen.

Ik pak mijn boek erbij. Toch merk ik dat mijn concentratie niet meer is zoals het eerder was. Zo laat ik me gemakkelijk afleiden door de gesprekken naast me. “Ja, ik zeg zo tegen Jan he, heb jij al gestemd op t werk? Nou, niet dus hè. Dus ik zeg tegen hem: nou, ik wel. Op Rob! Je moet z’n gezicht hebben gezien.” De dames lachen even. Vervolgens gaat het gesprek ‘verder’. “Haha, dus ik zei dat tegen Jan he: ik heb dus wel gestemd. Op Rob!” Weer moet ze lachen. Juist ja.

Rond Amsterdam stapt er een man de coupé binnen die aan het bellen is. Soms is het helemaal niet je intentie om met iemand mee te luisteren, maar kan het gewoon even niet anders. De beste man was met de tandarts aan het bellen. Kennelijk heeft hij al drie maanden last van z’n verstandskiezen en had de tandarts toen al tegen hem gezegd dat ze er misschien uit moeten. Direct denk ik terug aan mijn eigen verstandskies-avontuur. Alle vier zijn ze er uit bij mij. De behandeling zelf was het probleem eigenlijk helemaal niet. Vooral de day after was hilarisch. Van mezelf heb ik vrij bolle wangen. (Er is al eens een blog verschenen waarin beschreven werd dat een collega aan me vroeg of ik naar de tandarts was geweest. M’n wangen leken namelijk wat dik. Dat was toen niet het geval, kun je nagaan haha. Puur natuur.) Je kunt je voorstellen dat mijn wangen ná het trekken van mijn verstandskiezen helemaal gigantisch waren.

En zo zit ik dus in de trein, te gluren naar de buurman om me een voorstelling te maken van hem met hamsterwangen. Direct zit het ‘Hamtaro’ liedje (een tekenprogramma van vroeger over hamsters, ja echt) in m’n hoofd. De man hangt weer op -de afspraak is gemaakt- en de rust keert weer terug.

Ik krijg het voor elkaar om nog vijf bladzijdes te lezen, totdat de intercom weer aan gaat. Met een mooi accent wordt er omgeroepen: “het volgende station is Utrecht.”

Ik stap uit en loop naar de bushalte. Misschien zit Rob wel in de bus!

Bekijk bericht