Met de grote A van enthousiast

“Oh meid, enig dat je deze koopt!” Ik sta in de kringloopwinkel en reken een petroleumstel en een spelletje af. De vrouw wijst naar het petroleumstel en kijkt me super blij aan. Ik lach en vertel dat het voor mijn moeder is. “Oh, ook nog een cadeau? Super hoor!” Ik lach, ietwat ongemakkelijk: “nee, ze heeft hem wel zelf uitgekozen hoor! Ze staat daar, maar ik ging toch mijn spelletje al afrekenen.” De vrouw knikt begrijpend. “Wel echt een enig ding, dit!” Ze verkoopt het allemaal zo vrolijk dat ik spontaan een compliment mijn mond hoor verlaten. “Leuke winkel hebben jullie, zeg!” De vrouw reageert enthousiast: “super lief dat je dat zegt!”

Ik geloof dat ik de volgende keer hier zelfs oude sokken zou komen kopen.

Inspirerende ideeën

“Ga naar het zwembad en spring van de hoogste duikplank, kun je lachen.”

“Ga naar het strand en doe daar pas je zwemkleding aan, dat is grappig!”

“Ga naar je examen en neem 1000 pennen mee om je buurman te pesten. Probeer daarna het verkeerde examen te maken.”

“Bestel steak tartaar in een restaurant, terwijl je dit stiekem helemaal niet lekker vindt.”

“Ga op driewielerjacht.”

Ik wist geen blog en vroeg een klunzige bekende om tips. Weet jij wie? 😉

We kunnen het niet meer.

Afgelopen zaterdag besloten Daan en ik spontaan om uit eten te gaan bij het strand. Tegenwoordig hoef je niet meer te reserveren (ideaal is het natuurlijk wel!) en we krijgen een tafel aangewezen. We krijgen wel een tijdslot mee, omdat mensen na ons ook aan deze tafel zullen eten.

Na zo’n 5 minuten hebben we onze drankjes en hakken we de knoop door wat betreft onze gerechten. Daan bestelt tonijn op Japanse wijze als voorgerecht en saté als hoofdgerecht. Ik ga voor pomodorisoep en diezelfde tonijn, maar dan als hoofdgerecht.

Nadat we ook een broodje met olie hebben gekregen, is het tijd voor onze eerste gerechten! Mijn pomodorisoep is heel lekker, precies zoals het hoort. Terwijl ik mijn eerste lepels soep aan het wegslurpen ben, zie ik dat Daan moeite heeft met zijn gerecht. De sojasaus zit namelijk in een pipet. Heel fancy, maar blijkbaar komt het er met geen mogelijkheid uit. Na een paar keer voorzichtig geknepen te hebben, splasht de zwarte smurrie eruit, VOL op Daan z’n lichtroze T-shirt. Gelukkig kan Daan er om lachen, maar hij roept er wel even een ober bij. Even later komt de ober onzeker met een dweil aanlopen, hahaha.

Wanneer ik mijn hoofdgerecht krijg, demonstreer ik subtiel hoe goed mijn pipet het wel niet doet. Heerlijk, die tonijn smaakt goed! Met Daan z’n saté verloopt alles ook prima, haha. Bij mijn laatste hap gaat het echter mis. Op de één of andere manier schiet ik uit met mijn stokje, waardoor een klodder wasabimayonaise tegen de muur spat. Ik heb dit een paar keer in slowmotion geprobeerd opnieuw af te spelen, maar het blijft me een raadsel hoe dit precies kon gebeuren.

Uit eten, we kunnen het niet meer.

How did this happen?

De mensen die ons goed kennen, weten dat Daan en ik vaak allebei iets anders eten. Van Thomas en Dorinde hebben we zelfs het kookboek “Eating apart together” gekregen, haha.

Daan eet vanavond aardappelen, groenten, (vega)vlees en ik besluit om Orecchiette pasta te maken. Bij het koken van bepaalde recepten heb ik een soort van routine opgebouwd. Zo leg ik het keukenrei wat ik nog kan herbruiken aan één kant van het aanrecht en verplaats ik de kruiden die ik al heb gebruikt. Na het eten ruimen we dan alles in één keer op.

Terwijl ik de kikkererwten rooster, ben ik ondertussen bezig met de volgende stappen. Met het theelepeltje waarmee ik net kappertjes uit het potje heb geschept, pak ik een beetje tomatenpuree. Het bouillonblokje stop ik bij het kokend water in de maatbeker en ik pak een vork van het aanrecht om dit te roeren. Terwijl ik roer, kijk ik naar de vork. Waar heb ik deze nou net voor gebruikt? De pasta zit nog niet in de pan, dus daar kan ik de vork nog niet voor gebruikt hebben. Het is niet zo dat ik een vórk klaarleg voor het koken.

Ik kijk van het aanrecht de woonkamer in. De katten zijn aan het smikkelen van hun avondeten. “Daan?” Er begint me iets te dagen. “Heb jij ehm… kom eens?” Daan komt naar de keuken. Ik wijs naar de vork in mijn bouillon en Daan begint hard te lachen. “Ja, die heb ik net gebruikt om het kattenvoer uit het blikje te scheppen.” Ik probeer subtiel Daan de schuld te geven, omdat de vork op mijn stukje ‘herbruik-dit-maar’-aanrecht ligt, maar ik kan toch ook niet ontkennen dat dit normaalgesproken het stukje aanrecht is waar we ook de vieze vaat leggen. “UHHHHHHL,” besluit ik dan maar. Gelukkig hebben we nog genoeg bouillonblokjes ;).

Bijna vakantie!

Het is de laatste week school voor de zomervakantie en dat is altijd een beetje een gek weekje. De laatste vergaderingen, spullen opruimen en afscheid nemen van de mentorklas.

Dit mentorafscheid hebben we vanmiddag gedaan. De leerlingen mochten zelf weten of ze aanwezig wilden zijn en uiteindelijk zijn we met 16 leerlingen naar het park naast de school gegaan. De leerlingen kregen hun rapport en we hebben ze lekkere tapashapjes voorgezet. Vervolgens hebben ze loeifanatiek een “tiktok” versie op Pim Pam Pet gespeeld, hahaha. Mocht je tiktok niet kennen… het komt er op neer dat Pim Pam Pet naast tiktok zwaar bejaard is en dat ik het echt niet zag aankomen dat de leerlingen zó fanatiek aan het ‘pimpampetradje’ zouden draaien, haha.

Na alle hapjes, spelletjes en gezelligheid is het na een tijdje echt tijd om afscheid te nemen. Bij dit afscheid ontdekten wij mentoren dat het in het vervolg toch handiger is om de zaken even om te draaien… 😉 Twee rapporthoesjes zijn helaas niet onder een klodder satésaus uitgekomen. Ik zal morgen nieuwe hoesjes proberen te regelen. Hier heb ik in ieder geval van geleerd dat een rapport het best aan het eind kan worden uitgedeeld, zelfs bij een derde klas ;).