Het is vrijdagochtend en ik ben onderweg naar paardrijden. Het is de bedoeling dat we rond 09:00 op stal zijn, zodat we ruim de tijd hebben om de paarden te halen, te poetsen en op te zadelen. Ik moet nog ongeveer een kilometer rijden als ik bij een rotonde aankom. Het is een rotonde waar voetgangers en fietsers voorrang hebben en ik minder vaart voor een man met zijn hond. Ze zijn er bijna en ik schat in dat ze precies zullen oversteken op het moment dat ik de rotonde opkom. Ik rij nu 30, 25, 20, 15… ze zijn er nu echt bijna, goed getimed Laura! Het voelt altijd fijn om mensen voorrang te geven. Kijk mij nou eens braaf de verkeersregels volgen.

De hond besluit echter dat hij precies op het stukje gras naast de oversteekplek even mooi zijn behoefte kan gaan doen. De man slaat demonstratief zijn handen in de lucht voor deze slechte timing en kijkt me verontschuldigend aan. Hij rolt met zijn ogen en kijkt lachend naar zijn hond, die prinsheerlijk begint te poepen. Ik lach terug en begin weer te rijden. Op naar nog meer blijmakende dieren!

Bekijk bericht

Mijn zus en ik komen als laatsten aan bij een vriendin thuis, waar we gezellig met z’n zessen gaan eten. “Hoi!!” Ik ga op de kruk aan het hoofd van de tafel zitten en neem lekker een chipje uit het bakje. Gezellig weer, zo’n avond met z’n allen! De vriendin rechts naast me draait zich naar me toe om met een gesprek te beginnen en stoot daarbij haar glas water over me heen. “Nou, lekker! Tien seconden binnen, dat belooft wat!” Mijn broek is kletsnat, maar ik kan er om lachen ;).

Gedurende de avond vliegen de anekdotes en herinneringen over tafel. Het is zo fijn om lekker met je vriendinnen te kletsen!

“Zijn jullie vanavond serieus alweer verkeerd gereden?!”

“Wat zit jij die tiramisu autistisch in vakjes te verdelen, zeg!”

“Jemig ik kon toen echt niet slapen, jij bleef maar draaien!”

“Hoe ziet jouw ochtendroutine eruit? – Oh nee echt, wat moet je met die tijd? Twintig minuten, dan ben ik weg. Ja okee ik kom wel regelmatig te laat.”

“Ik heb zo’n wake up light, lekker met van die vogeltjes. – Ah wat heerlijk! – Ja, nou ja op een gegeven moment ben je die rotvogels wel helemaal zat hoor.”

“Wow, je mond is helemaal rood van de wijn. Eigenlijk is het helemaal niet zo’n goed eerste date-drankje hè?”

“Liggen jullie samen onder één dekbed? Krijg je dan nog wel lucht, of moet je dan met een snorkel naar lucht happen?”

“Ja en toen las ik dus op de blog dat jullie ook bij de halve marathon waren! Kun je dat voortaan anders niet in een eerdere blog aankondigen? We hadden wel kunnen meeten!”

“Durf jij die knoflook in dat olijvenbakje in één keer op te eten?”

“Haha, weet je nog dat jij toen heel veel knoflooksaus had gegeten en dat je toen in je hoogslaper helemaal misselijk werd van je eigen rondcirculerende adem?”

“Nee wij gingen gewoon met de taxi, ook al was het maar 5 minuten lopen. Die chauffeurs vonden ons echt mega lui.”

“Hahaha, die keer dat je net nieuwe schoenen had en je ene schoen ging oppoetsen met de schoenborstels. Hij was nog brandschoon en daarna zat er een dikke veeg op.”

“Hebben jullie ook zo’n foto in een lieveheersbeestjebootje bij Sprookjeswonderland?”

“Wow ja, mijn vriend die praat ook in zijn slaap! Laatst ging mijn wekker en toen begon hij heel hard te lachen. Toen ik vroeg wat er was, sliep hij gewoon nog. Toen ik op snooze drukte en de wekker tien minuten later weer afging, begon hij weer te lachen! Even later wist hij van niks..”

Aan het eind van de avond geef ik een vriendin ter afscheid een knuffel. Een andere vriendin kijkt me lachend aan: “jullie rijden toch samen? – O ja shit, ik moet jou hebben haha!”

Bekijk bericht

Afgelopen zondag 16:40

Samen met de vriend van mijn zus heeft mijn vriend meegedaan aan de halve marathon in Egmond. Ze hebben het goed gedaan en ik ben heel trots op ze! Het sfeertje in Egmond is top: er zijn veel enthousiaste toeschouwers en na afloop drinken veel mensen nog een drankje in één van de gezellige restaurantjes. Omdat het dorp niet goed bereikbaar is met de auto, zijn mijn vriend en de vriend van Dorinde die ochtend met de pendelbus gekomen. Dor en ik wilden ook een beetje sportief zijn, dus wij zijn richting Egmond gefietst.

Nadat de jongens klaar en omgekleed zijn, pakken ze de pendelbus weer om richting huis te gaan. Dorinde en ik drinken nog een warme chocolademelk en springen daarna ook op de fiets. Een uur later bel ik mijn vriend: “ik ben bij mijn auto aangekomen, dus ik ben rond 17:00 thuis.” Mijn vriend reageert: “ik ben net pas uit de pendelbus, dus ik denk dat we zo’n beetje tegelijk thuiskomen.” Ik reken snel zijn locatie uit: “oh, misschien zien we elkaar dan nog wel onderweg!” Sure. 

Tien minuten later zie ik de auto van mijn vriend in de verte opdoemen. Hij komt van rechts en ik moet de rij auto’s waarin hij rijdt voorrang geven. Wild zwaai ik met mijn armen (een beetje overbodig, uiteraard herkent hij mijn oude bak uit duizenden) en lachend groeten we elkaar. Na nog twee auto’s kan ik me bij de rij aansluiten en rijden we dus heel dicht achter elkaar.

Afgelopen zondag 16:45

Hè shit, het stoplicht springt op oranje. Ik moet nu echt remmen, mijn vriend kan er nog net langs. Tot zooo, denk ik dramatisch. Omdat het bij deze stoplichten best lang kan duren, besluit ik om even om mij heen te kijken. Het is een koude dag en de lucht is prachtig gekleurd. Terwijl ik om mij heen kijk, valt mijn blik ineens op mijn achteruitkijkspiegel. Wat krijgen we.. ik schiet in de lach (heerlijk gevoel als je in je eentje bent ;)). De man in de auto achter mij is een jaar of 80 en heeft een grijs petje op. Met woeste bewegingen is hij bezig om zijn raam van de binnenkant schoon te maken. Eerst het stuk raam voor zijn stuur en dan ook het stuk van de passagiersstoel. Het lukt hem niet goed om bij de hoekjes te komen, dus hij besluit om zijn auto op de handrem te zetten (hij beweegt zéér overdreven, dit is prachtige televisie voor mij) en zich uit zijn stoel omhoog te richten. Terwijl hij voorover op zijn dashboardkastje leunt, gebeurt het geweldige: zijn claxon gaat af. Verontschuldigend kijkt hij om zich heen, maar gaat toch stug door met zijn schoonmaakbeurt. Eerlijk is eerlijk: zijn raam knapt er wel van op. Het stoplicht springt op groen en de man laat zich soepel weer zakken in zijn stoel.

Gisteren

Jemig wat wiebelt die auto voor me, zeg! Het is dat we in de rij voor het stoplicht staan… 😉 Ah wacht, nu kan ik het beter zien. Een moeder is flink aan het swingen met haar armen. Haar twee zoons doen enthousiast met haar mee. Het ziet er gezellig uit en ik lach vrolijk met ze mee.

Bekijk bericht

Okee, paniek. WAT gebeurt er? HELP! In de verte roept een doos ons allen toe: “attentie jongens, Laura is op zoek naar iets! Ze is ons al voorbij, dus ze zoekt geen spoolpullen. Ik herhaal: ze zoekt GEEN schoolspullen!” Oké kalm blijven. Ze heeft mij de afgelopen maanden nog niet gemist, dus ze zal me nu ook wel niet nodig hebben. Jemig, ze is wel hardhandig aan het graaien. O, wacht: ze roept iets! “SCHAT, weet jij toevallig of hij achter of voor in de zolder ligt?” Ff luisteren, antwoordt hij nou? – Ja! “Hij ligt achteraan, in een tasje. Niet in een doos dus!” Is dat mijn hart dat zo snel klopt? Ja. O god, ik zit in dat tasje. Ze komt dichterbij… ik hoor haar voetstappen, ik zie haar hand, heeelp! 

Versuft doe ik twee minuten later mijn ogen open. Waar ben ik? Wat is dit nou weer voor gek huis? Ben ik zojuist twee trappen afgegaan? Wat een gek gevoel. Er staat me vaag iets bij van september, dat ze me twee trappen omhoog hebben getild. Laura niet, maar één van haar vrienden tijdens de verhuizing. Ziet het er nu zo uit in de woonkamer? Leuk. O shit, daar komt het kannetje water. FLASHBACK. O ja, zo ging dat. Water erin. Maar, waar is plank gebleven? O, hij staat daar in de hoek. Het gaat nu echt gebeuren. “Ha die plank, ook uit je winterslaap gerukt? Het gaat nu echt gebeuren hè?” – Plank antwoordt zuchtend: “ja. Ik sprak mand net al, ze heeft een enorme stapel naar beneden gezeuld. Ik hoop dat ze wel een leuk tv-programma opzet.” O ja, dat deed ze altijd. God, ik heb al in geen maanden tv gekeken, dat is wel weer eens leuk! Ja, ze zet de tv nu aan. Iets met een mol, grappig. OK, let’s go. Het eerste overhemd. Niet al te veel kreukels gelukkig, dat is een fijn begin.

Bekijk bericht

“Hoi tante Laura. Kan ik zaterdag met jullie naar de stad om mijn cadeau te halen?” Voor zijn verjaardag hebben we afgesproken dat mijn vriend en ik en Dorinde en haar vriend met mijn neefje een cadeautje in de stad gaan kopen en daarna pannenkoeken gaan eten. “Ik zal even vragen of iedereen tijd heeft, ik bel je morgen terug, goed?”

(…)

“Hoi tante Laura, ik mag bijna afzwemmen! Goed, toch?” Trots feliciteer ik mijn neefje. “Kan ik morgen met jullie naar de stad voor mijn verjaardagscadeau en dan pannenkoeken eten?” De reden dat ik bel, is om de datum te verschuiven omdat niet iedereen morgen kan. “Over twee weken kunnen we wel gaan, is dat goed?” Mijn neefje slaakt een kreetje. “Zo snel al!” Direct gevolgd door: “doei!”

Mijn vriend (die ook meeluistert) en ik schieten in de lach omdat hij zo abrupt ophangt. Heerlijk: geen poespas, lekker to the point. Dat beldiploma is alvast in the pocket 😉